Britse ondernemers hebben een jaar vol binnenlandse en internationale politieke instabiliteit doorstaan en tonen opmerkelijke veerkracht, ook al blijven ze streven naar meer voorspelbaarheid. De eerste Financial Times-ranglijst van de snelstgroeiende bedrijven van het land, gemaakt in samenwerking met dataleverancier Statista, benadrukt hoe topperformers zich snel aanpassen in plaats van te wachten op rustiger tijden die misschien niet komen.
Veel leiders op de lijst uiten hun bezorgdheid dat speculatie over belastingmaatregelen in de komende begroting, die later deze maand wordt gepresenteerd, het vertrouwen ondermijnt. Kanselier John Healey heeft beloofd lekken vanuit het ministerie van Financiën te verminderen en voortijdige speculatie te vermijden, maar de zorgen blijven bestaan dat mogelijke verhogingen van de vermogenswinstbelasting investeringen kunnen ontmoedigen. De tarieven liggen momenteel tussen 18 en 24 procent, vergeleken met een toptarief inkomstenbelasting van 45 procent. Uit berichten blijkt dat Healey waarschuwingen van het bedrijfsleven en de City heeft gehoord over de risico’s van een scherpe verhoging, en het ministerie overweegt opties voor tegemoetkomingen aan ondernemers die opbrengsten uit verkoop in het Verenigd Koninkrijk herinvesteren.
De lijst belicht ook regionale onevenwichtigheden die samenhangen met de decentralisatieplannen van premier Andy Burnham. Londen is goed voor het merendeel van de 100 snelstgroeiende bedrijven, terwijl Glasgow en Leeds de tweede plaats delen. Andere steden zoals Manchester, Leicester en Liverpool komen evenwichtiger naar voren. Het voordeel van de hoofdstad komt vooral voort uit de gevestigde durfkapitaalnetwerken die startup-activiteit stimuleren.
De groeiverhalen beslaan meerdere sectoren. Online retailer Healf staat bovenaan de ranglijst nadat de omzet in drie jaar tijd steeg van £177.000 naar £80,8 miljoen, meeliftend op de wellnessgolf samen met peers als Ancient & Brave en Superior Wellness. Fastfoodbedrijven achter Popeyes en Wingstop staan respectievelijk op plaats 15 en 32, wat de aanhoudende vraag naar quickservice-restaurants weerspiegelt. In de energiesector zet Octopus Energy de snelle expansie voort ondanks dat het vorig jaar de grootste leverancier van het Verenigd Koninkrijk werd en staat op plaats 81; andere uitdagers zijn Fuse Energy, InstaVolt en Everflow.
Fintech, financiële dienstverlening en verzekeraars vormen de grootste categorie en beslaan een vijfde van de ranglijst. Het Verenigd Koninkrijk blijft bankuitdagers voortbrengen naast gevestigde spelers. Allica Bank, dat op plaats 58 staat, is opgericht om financieringskloven te dichten voor kleinere bedrijven die de economische ruggengraat vormen maar nog steeds moeite hebben met toegang tot kapitaal en het navigeren door regelgeving.
Deze bedrijven vormen de ruggengraat van de Britse economie. Ze maken ongeveer 10 procent van de bedrijven uit, maar zijn goed voor meer dan 30 procent van de banen en het bbp van de private sector, en ze tonen een ongelooflijke wil om te slagen.
Buy-now-pay-later-aanbieder Zilch en pensioensplatform PensionBee staan ook prominent op de lijst. Zilch-oprichter Philip Belamant merkt op dat ondernemers veerkracht en vindingrijkheid nodig hebben gehad te midden van veranderende omstandigheden, terwijl ze nog steeds kansen zien op de Britse markt. PensionBee-oprichter Romi Savova wijst op blijvende nationale sterke punten, waaronder een grote consumentenbasis, een getalenteerd personeelsbestand en een robuuste financiële sector.
Buitenlandse oprichters noemen vaak de tijdzonevoordelen, het juridische kader en de diepgang van de financiële sector van het Verenigd Koninkrijk als blijvende aantrekkingsfactoren. Toch vinden velen dat er meer kan worden gedaan om Britse fondsen, waaronder publiek pensioenkapitaal, te kanaliseren naar binnenlandse groeibedrijven. Octopus Energy-oprichter Greg Jackson heeft de hoop uitgesproken dat Britse pensioengerechtigden steeds meer zullen profiteren van succesvolle Britse bedrijven.
De ranglijst illustreert zowel het aanpassingsvermogen van de toonaangevende Britse bedrijven als de beleidskeuzes die dat momentum in de komende maanden kunnen versterken of ondermijnen.