De regering heeft de wijzigingen bekendgemaakt die vanaf 2027 in het pensioensysteem worden doorgevoerd. De aanpassingen betekenen een grotere contributie-inspanning van zowel bedrijven als werknemers, met als doel de duurzaamheid van het systeem te versterken.
Een van de belangrijkste vernieuwingen betreft het intergenerationeel evenwichtsmechanisme (MEI). In 2027 stijgt dit percentage met 0,1% ten opzichte van het niveau van 2026, van 0,9% naar 1%. De verdeling vindt plaats tussen bedrijven en werknemers: de werknemer draagt 0,83% en de werkgever 0,17%. De wijziging raakt vrijwel alle werknemers, hoewel het effect op de loonstroken zeer beperkt blijft.
De solidariteitsbijdrage ondergaat eveneens wijzigingen. Deze maatregel geldt alleen voor wie de maximale premiegrondslag van de sociale zekerheid overschrijdt en wordt uitsluitend geheven over het deel van het salaris dat dat plafond overschrijdt. De extra betaalde premies verhogen de toekomstige pensioenuitkering niet.
Er worden drie schijven vastgesteld op basis van de mate waarin de maximale grondslag wordt overschreden. Wanneer het salaris de limiet met niet meer dan 10% overschrijdt, geldt een tarief van 1,38%. Bij een overschrijding tussen 10% en 50% bedraagt het percentage 1,5%. Als de overschrijding meer dan 50% bedraagt, loopt het tarief op tot 1,75%.
De meeste werknemers zullen vooral de lichte stijging door het MEI merken. Daarentegen moeten professionals met een beloning boven de maximale premiegrondslag ook de solidariteitsbijdrage betalen, waardoor hun bijdragen aan het systeem extra toenemen.