Jürgen Klopp is begonnen aan een vernieuwingsproces bij het Duitse nationale elftal. De coach heeft in totaal 44 spelers opgeroepen voor de Nations League-wedstrijden, maar verdeelt ze over twee volledig gescheiden groepen.
Het belangrijkste doel van de trainer is om zoveel mogelijk spelers een kans te geven en in te zetten op nieuw bloed in het team. De eerste selectie richt zich op de duels tegen Nederland op 24 september en Griekenland op 27 september. Daarin worden gevestigde namen als Ter Stegen, Kimmich, Gnabry en Havertz gecombineerd met opkomende talenten.
Onder de debutanten in een officieel duel vallen Lennart Karl, Bambasé Conté en Hennes Behrens. Deze selectie zoekt een evenwicht tussen ervaring en toekomstperspectief.
Voor de volgende twee groepswedstrijden, tegen Servië op 1 oktober en Griekenland op 4 oktober, kiest Klopp voor een compleet andere selectie. De enige speler die terugkeert is doelman Dammen.
De filosofie blijft hetzelfde: ervaren spelers combineren met jongeren die hun eerste stappen zetten in het A-elftal. Namen als Adeyemi, Anton en Mittelstädt fungeren als voorbeelden voor de debutanten Jeltsch, Bischof en Scherhant.