Het Spaanse elftal heeft de rugnummers bekendgemaakt die zijn 26 spelers tijdens het WK 2026 zullen dragen. De traditie van La Roja schrijft voor dat de nummers worden toebedeeld op basis van het aantal interlands, een regel die weinig ruimte laat voor verrassingen in een al jaren stabiele selectie.
Rodri krijgt het 16 als speler met de meeste interlands. Aan de andere kant erft Marc Pubill, die nog geen debuut maakte, het nummer 2. Deze verdeling weerspiegelt de natuurlijke hiërarchie binnen het team en voorkomt onnodige discussies over persoonlijke voorkeuren.
Dani Olmo draagt het 10, hetzelfde nummer dat Asensio in Qatar had. Gavi houdt het 9 sinds zijn debuut in de A-selectie. Unai Simón behoudt het 23 en Marc Cucurella het 24, nummers die inmiddels deel uitmaken van hun identiteit in het nationale team.
Lamine Yamal draagt het 19 op zijn eerste WK. Hoewel hij bij Barcelona onveranderlijk het 10 draagt, heeft hij in de Spaanse selectie het 19 tot zijn officiële rugnummer gemaakt. Hij debuteerde ermee in Georgië in september 2023, droeg het tijdens het EK dat Spanje won en maakt er nu zijn wereldkampioenschapsmerk van.
Het rugnummer 19 vormt een directe brug tussen Lamine Yamal en Xavi Hernández, zijn grote voorbeeld. De oud-Barcelonaspeler droeg het 19 voor het eerst op een WK tijdens het toernooi in Zuid-Korea en Japan in 2002, toen hij nog maar drie interlands achter de rug had. Tijdens dat WK speelde hij drie wedstrijden, waaronder de omstreden partij tegen de gastheer, waarin hij de derde strafschop voor Spanje nam vóór de misser van Joaquín en die omzette.
Spanje begon in 1962 met rugnummers op een WK, toen Alfredo Di Stéfano het 6 kreeg zonder dat er al sprake was van de huidige mystiek. Sindsdien is het 19 sterk verbonden met Julio Salinas, de Baskische aanvaller die drie WK’s met dat nummer speelde. Salinas heeft de meeste speelminuten van alle Spaanse aanvallers in de WK-geschiedenis: 937, vóór de 910 van David Villa.