De Paris Saint-Germain heeft het seizoen 2025-26 afgesloten met een nieuwe ereprijs. De door Luis Enrique geleide ploeg is uitgeroepen tot beste club van het jaar tijdens de ballon d'or-ceremonie, die sinds 2024 gezamenlijk wordt georganiseerd door France Football en de UEFA.
De prijs leverde geen verrassingen op voor de ploeg met spelers als Fabián Ruiz, Dro Fernández, Ferran Torres en de in Madrid geboren Marokkaan Achraf Hakimi. PSG ging voorbij Arsenal, Bayern, Bodo/Glimt en Flamengo om de titel voor de tweede keer op rij te prolongeren.
De recente geschiedenis van de prijs vermeldt inmiddels Chelsea in 2021, Manchester City in 2022 en 2023, Real Madrid in 2024 en Paris Saint-Germain zelf in 2025.
De verdiensten van de Parijse club zijn onbetwist. De Luchoneta veroverde bijna alle beschikbare prijzen: de Ligue 1 voor het vijfde seizoen op rij, de Champions League, de Supercup van Frankrijk, de Supercup van Europa en de Intercontinental Cup. Alleen de Franse beker ging naar het verrassende Lens.
Bijzonder opvallend is de Europacup. Slechts twee teams hebben twee opeenvolgende titels behaald in het nieuwe Champions League-format: het Real Madrid van Zidane, dat er drie won tussen 2016 en 2018, en dit Paris Saint-Germain.
De titel van PSG, behaald na een penaltyzege op Arsenal in de Champions League-finale, weerspiegelt een collectief succes. Luis Enrique maakte gebruik van de diepgang in de selectie om spelers te rouleren in zowel de Franse competitie als de Europese wedstrijden.
Vijf spelers overschreden de grens van tien doelpunten in alle competities: Dembélé, Kvaratskhelia, Barcola en Doué. Vijf andere spelers noteerden meer dan tien offensieve bijdragen (doelpunten plus assists): Vitinha met 7 doelpunten en 10 assists, Achraf Hakimi met 3 en 9, Nuno Mendes met 6 en 7, Mayulu met 6 en 5, en Joao Neves met 7 en 4.
De Parijse ploeg oogt onverslaanbaar en richt zich al op een mogelijke derde titel op rij bij de volgende uitreiking.