Een recente studie onder leiding van het Southwest Research Institute en de Universiteit van Arizona suggereert dat de Maan in slechts vijf uur na de grote botsing tussen de vroege aarde en Theia, een lichaam ter grootte van Mars, kon zijn ontstaan. De uitkomst hangt af van de thermische omstandigheden voorafgaand aan de botsing en zet vraagtekens bij traditionele modellen die een veel langzamer proces beschreven.
Jarenlang toonden simulaties van de grote inslag een enorme wolk van materiaal die om de aarde draaide en zich geleidelijk samenvoegde tot de maan. Het nieuwe onderzoek voegt een factor toe die eerder over het hoofd werd gezien: de fysieke weerstand van rotsen. Door deze mee te nemen, veranderen de resultaten volledig afhankelijk van de begintemperatuur van beide lichamen.
Wanneer de aarde en Theia bij lagere temperaturen begonnen, zorgde de weerstand van de materialen ervoor dat een vrijwel complete maan direct na de botsing ontstond. In een van de onderzochte scenario’s was dit proces in ongeveer vijf uur voltooid. Waren de lichamen daarentegen warm, dan verspreidde het materiaal zich en ontstond een puinschijf die zich langzamer ontwikkelde, zoals eerdere modellen aangaven.
De onderzoekers benadrukken dat de enorme energie van de botsing ertoe leidde dat veel modellen de weerstand van rotsen negeerden. De nieuwe analyse laat echter zien dat deze factor het eindresultaat aanzienlijk kan veranderen. De exacte temperatuur van de aarde en Theia 4,5 miljard jaar geleden blijft onbekend, waardoor er meerdere mogelijkheden bestaan voor de werkelijke vormingstijd van de maan.