De eerste keer dat ik de kreet “¡¡¡agua al doce!!!” hoorde, begreep ik niet meteen de verborgen betekenis van die uitdrukking die zo kenmerkend is voor de voetbalwereld. Hij kwam uit de mond van Luis Aragonés, die zich richtte tot een medewerker dicht bij de groep spelers.
Stilte heerste in de omgeving in de eerste uren van de voorbereiding. De trainer verbrak die rust met een krachtige roep die de dag opklaarde. De boodschap maakte deel uit van zijn persoonlijke taal.
In die persoonlijke code was de 'doce' niemand anders dan hijzelf. Met die zin vroeg hij om iets om zich te verfrissen tijdens de ochtendtraining.