De Trappiramide van Djoser in Saqqara roept nog steeds vragen op eeuwen na de bouw. Een kalkstenen greppel van drie kilometer lang en tot 20 meter diep intrigeert experts sinds 1930, toen werd gedebatteerd of het een steengroeve of een symbolisch monument was.
Een studie gepubliceerd in het tijdschrift PLOS One stelt nu een andere verklaring voor: een geavanceerd hydraulisch systeem dat het mogelijk maakte om stenen blokken vanuit het interieur van de piramide omhoog te brengen met behulp van door water aangedreven drijvende platforms.
Deze structuur, de oudste van de zeven monumentale piramides van Egypte, dateert van ongeveer 4700 jaar geleden en werd opgericht ter ere van koning Djoser. Het is bovendien de eerste piramide die volledig uit bewerkte steen is gebouwd. Voor de bouw werden 2,3 miljoen kalkstenen blokken gebruikt, elk met een gemiddeld gewicht van ongeveer 300 kilo.
Het onderzoek, geleid door Xavier Landreau, materiaalkundige en directeur van het instituut Paleotechnic, richt zich op het Gisr el-Mudir, een rechthoekig omheind terrein van 360 bij 620 meter met muren van 15 meter hoog. De onderzoekers analyseerden het stroomgebied stroomopwaarts in de wadi Abusir en zagen overeenkomsten met de dam Sadd el-Kafara uit het Oude Rijk.
Volgens de hypothese zorgde het systeem ervoor dat grovere sedimenten bezonken voordat het schonere water de piramidezone bereikte. Het water stroomde vervolgens de droge greppel in via een kanaal dat bekendstaat als de Diepe Greppel, die minstens drie ondergrondse zones met elkaar verbindt.
Eenmaal gefilterd bereikte het water verschillende putten, waar het een drijvend houten platform omhoogbracht. Met touwen en katrollen plaatsten de arbeiders de blokken op het platform. Bij het leeg laten lopen van de put steeg het platform naar de hogere delen van de constructie, waardoor de materialen vanuit het interieur van de structuur konden worden opgetild.
Dit voorstel opent een nieuwe weg om te begrijpen hoe de enorme blokken werden verplaatst en gestapeld zonder grote externe hellingen, hoewel de onderzoekers aangeven dat meer opgravingen nodig zijn om de details van het mechanisme te bevestigen.