De jaren 90 brachten veel gedenkwaardige films in verschillende genres voort, maar sommige releases bleven ver onder de verwachtingen en kregen veel kritiek.
Een aantal van deze producties worstelde met zwakke scripts, ongelijke tonen en concepten die het publiek noch de critici wisten te raken.
Bio-Dome (1996) volgt twee zorgeloze vrienden, gespeeld door Pauly Shore en Stephen Baldwin, die vast komen te zitten in een milieukundig onderzoekscentrum. De premisse bood potentieel voor satire, maar de uitvoering steunde op grove gags en oppervlakkige personages die kijkers ontevreden achterlieten.
Chairman of the Board (1998) heeft Carrot Top in de hoofdrol als een excentrieke uitvinder die onverwacht de leiding krijgt over een groot bedrijf. De komedie leunde zwaar op het persona van de hoofdrolspeler in plaats van een sterk script, wat resulteerde in een verhaal dat voorspelbaar en kort aan echte humor was.
The Scarlet Letter (1995) heeft Demi Moore als Hester Prynne en Gary Oldman als dominee Dimmesdale in een puriteinse setting. De bewerking veranderde belangrijke elementen van Nathaniel Hawthorne's roman, wat leidde tot klachten over verloren thema's en ongelijkmatig tempo die zowel lezers als kijkers teleurstelden.
Highlander II: The Quickening (1991) vervolgt het verhaal van Connor MacLeod te midden van een toekomstig milieuschild. Het vervolg introduceerde tegenstrijdige verklaringen voor de oorsprong van de held en rommelige plotlijnen die botsten met de aantrekkingskracht van de originele film, waardoor veel trouwe fans ontevreden waren.
North (1994) heeft Elijah Wood in de hoofdrol als een jongen die nieuwe ouders zoekt omdat hij zich thuis niet gewaardeerd voelt. Recensenten merkten op dat de film moeite had om komedie, fantasy en drama effectief te mengen, wat resulteerde in vlakke grappen en een boodschap die als te basaal werd gezien voor een familiepubliek.
Stop! Or My Mom Will Shoot (1992) koppelt Sylvester Stallone aan een bemoeizieke moeder die zijn politiewerk verstoort. Critici wezen op voorspelbare gags en een verouderde stijl waardoor de humor geforceerd in plaats van vermakelijk aanvoelde.
Theodore Rex (1995) koppelt Whoopi Goldberg aan een dinosaurusdetective in een wereld waarin mensen en dinosauriërs samenleven. De mix van genres miste focus en de effecten leken al gedateerd op het moment van uitbrengen, waardoor het project een van de ongemakkelijkere studio-inspanningen van het decennium werd.
Baby Geniuses (1999) draait om intelligente baby's die een geheime taal spreken die volwassenen niet kunnen begrijpen. De familiefilm kreeg klachten over het onwaarschijnlijke verhaal en de irritante toon en belandde vaak op lijsten van de minst succesvolle kinderfilms van die tijd.