In het hoogseizoen voor autovakanties heeft de vereniging Automovilistas Europeos Asociados haar traditionele ranglijst van de actiefste snelheidsmeters op het staatswegennet gepubliceerd. Het onderzoek sluit regio’s met eigen verkeersbevoegdheden uit en richt zich op het voorgaande jaar.
Volgens het rapport legden de radars van de Dirección General de Tráfico boetes op voor een totaalbedrag van 246.802.934 euro, een stijging van 14 % ten opzichte van het jaar ervoor. 41,5 % van alle verwerkte boetes betrof te hard rijden.
Van de vijftig apparaten die in totaal 1,3 miljoen boetes opleverden, springt er een uit op de A-7 bij kilometer 326 in La Canyada. Dit toestel registreerde 90.766 boetes, een gemiddelde van bijna 250 boetes per dag.
Op de tweede plaats staat een radar op de CV-905 in Alicante, kilometer 7. Daarna volgt een exemplaar op de A-15 in Navarra, kilometer 127. Beide overschreden ruimschoots de 50.000 boetes per jaar.
Per provincie haalde Valencia de meeste opbrengst met 18,9 miljoen euro, gevolgd door Madrid (17,9 miljoen) en Cádiz (16,5 miljoen). Alicante eindigde op de vierde plaats met ruim 13,1 miljoen euro.
Aan de andere kant van de ranglijst staan Ourense, Cáceres en Salamanca, elk met minder dan twee miljoen euro aan boetes voor te hard rijden.
De DGT houdt ongeveer duizend snelheidsmeters operationeel op de Spaanse wegen. De analyse van AEA laat zien dat slechts vijftig daarvan het merendeel van de boetes voor te hard rijden opleveren.