Jordi Cruyff heeft de teugels in handen genomen op de transfermarkt bij Ajax en heeft een ingrijpende transformatie van de selectie teweeggebracht. De zoon van Johan Cruyff kwam in februari bij de club als technisch secretaris en heeft in zijn eerste transferperiode als sportief directeur in totaal 28 transacties afgerond met een duidelijk doel: Ajax weer onder de titelpretendenten brengen na een vijfde plaats in de Eredivisie vorig seizoen.
Cruyff heeft gekozen voor een evenwichtige strategie die de komst van bewezen spelers combineert met het stimuleren van jongere profielen. Het resultaat is een overschot van 55,7 miljoen euro in de clubkas: er is 36,3 miljoen euro geïnvesteerd in aanwinsten en 92 miljoen euro binnengehaald met verkopen. Deze aanpak heeft het mogelijk gemaakt het team te versterken zonder de concurrentiekracht in gevaar te brengen, ondanks het vertrek van belangrijke spelers als Mika Godts en Sean Steur.
Onder de nieuwe spelers vallen namen met een bewezen internationale staat van dienst op. Marc-André ter Stegen komt op huurbasis van Barcelona, net als Thilo Kehrer en Simon Adingra. Julian Brandt sluit aan als transfervrije speler van Borussia Dortmund, terwijl Sofyan Amrabat en Daley Blind eveneens zonder vergoeding arriveren. Andere aanwinsten zijn Marcos Leonardo van Al-Hilal voor 19,9 miljoen euro, Caio Henrique van Monaco voor 10,5 miljoen euro, Viktor Tsygankov van Girona voor 4 miljoen euro, Jofre Torrents van Barcelona en Tolu Arokodare van Wolverhampton, de laatste twee op huurbasis.
Bij de uitgaande transfers heeft de club flinke inkomsten geboekt met de verkoop van Mika Godts aan PSG voor 45 miljoen euro en Sean Steur aan Newcastle voor 23,5 miljoen euro. Andere noemenswaardige deals zijn het vertrek van Chuba Akpom naar Ipswich voor 9,3 miljoen euro en Ko Itakura naar Borussia Mönchengladbach voor 3,5 miljoen euro. Verschillende spelers zijn verhuurd of vertrokken als transfervrije spelers, onder wie Josip Sutalo, Ahmetcan Kaplan, Sivert Mannsverk en Youri Regeer.
Ik ben tevreden met deze transferperiode. Ik wil altijd meer, ik wil altijd beter presteren, dus heb ik altijd dingen in mijn hoofd die ik denk beter te kunnen doen, maar ik ben tevreden. Als je kijkt naar sommige spelers die zijn gekomen, die niet de spelers waren die men van Ajax verwachtte, dan vind ik dat bijzonder.
Cruyff heeft het belang benadrukt van discreet werken en het voorblijven van de concurrentie. Een van zijn favoriete momenten was de komst van Julian Brandt, die al in mei werd voorbereid en de omgeving verraste. De bestuurder heeft ook de verhuur van spelers als Ter Stegen, Kehrer en Adingra gewaardeerd, evenals de komst van Brandt, Amrabat en Blind zonder transferkosten.
Ik gaf de voorkeur aan spelers die al hadden bewezen dat ze de druk aankunnen, spelers die gewend zijn in stadions met 80.000 of 100.000 toeschouwers te spelen. Ik wilde ook spelers met het juiste leiderschap. Niet alleen tijdens de wedstrijden op zaterdag, maar ook van maandag tot vrijdag, tijdens de trainingen.
Het uiteindelijke doel is duidelijk: Ajax terugbrengen naar zijn gebruikelijke positie in de Nederlandse en Europese elite. Cruyff heeft gekozen voor een project dat nieuwe aanwas combineert met spelers die direct kunnen presteren, en vermijdt langetermijnplannen die niet passen bij de verwachtingen van de meer ervaren voetballers. Met deze transferperiode herwint de Amsterdamse club concurrentiekracht en internationale aantrekkingskracht.