Kort voor de presidentsverkiezingen van Real Madrid heeft Florentino Pérez zijn campagne opgevoerd met een interview in El País waarin hij een ingrijpend plan onthult: de leden economisch eigenaar maken van de club. De huidige voorzitter haalt ook uit naar zijn voornaamste rivaal Enrique Riquelme, verdedigt de sportieve en financiële resultaten van zijn periode en eist een strenge sanctie voor FC Barcelona in de Negreira-zaak.
De voorzitter stelt dat hij bij herverkiezing direct een ledenvergadering en een referendum zal uitschrijven, zodat de ongeveer 100.000 leden economisch eigenaar worden van de club. Volgens hem houdt ‘van Real Madrid zijn’ dan op een puur sentimentele band te zijn en wordt het een echte, levenslange eigendom. Pérez vindt dat de leden nu geen echt vermogensrecht hebben en wil deze hervorming afronden voordat hij vertrekt.
Om de waarde van de club vast te stellen, overweegt hij een minderheidsbelang van 5 procent te verkopen, puur als prijsreferentie. Hij benadrukt dat de leden het volledige zeggenschap behouden en dat minderheidsinvesteerders alleen aan het merk verbonden zijn zonder beslissingsrecht.
Pérez rechtvaardigt het vervroegen van de verkiezingen door te wijzen op een gecoördineerde strategie om hem uit het zadel te lichten. Hij zegt georganiseerde acties te hebben ontdekt tussen de tegenkandidaat en sommige media die een vijandig klimaat onder de leden creëerden. Daarnaast verbindt hij de lijst van Riquelme met voormalige bestuurders uit de tijd van Ramón Calderón en stelt dat hun enige doel is de macht te grijpen voor eigen gewin.
Op de beschuldigingen van Riquelme over vermeende familievoordelen bij clubtransacties reageert Pérez ferm: hij staat al 26 jaar aan het roer, heeft geen geld nodig en heeft zijn eigen vermogen in dienst gesteld van Madrid, zoals hij in zijn eerste periode al deed door 147 miljoen euro te garanderen.
De voorzitter pronkt met de cijfers: de club sluit het boekjaar af met recordinkomsten van 1,25 miljard euro en houdt vast aan het doel van 2 miljard euro in de komende jaren. Hij blijft Real Madrid beschouwen als de best verdienende club ter wereld.
Over het Bernabéu bevestigt hij dat concerten weer mogelijk zijn na gunstige rechterlijke uitspraken en benadrukt dat de internationale uitstraling van Madrid belangrijker is dan de directe inkomsten. Hij wijst het idee van een ‘Ciudad del Socio’ in Valdebebas af en kondigt aan dat de gronden worden bestemd voor een groot technologisch centrum naar Silicon Valley-model.
Op institutioneel vlak noemt Pérez de betalingen van Barcelona aan de voormalige vicevoorzitter van het Comité van Scheidsrechters een van de ernstigste episodes in de Spaanse sportgeschiedenis en spreekt van systematische corruptie. Hij waarschuwt dat hij niet zal rusten tot de feiten zijn opgehelderd en eist een voorbeeldige sanctie.
Over Anas Laghari, die de laatste dagen veel aandacht krijgt, spreekt Pérez met persoonlijke genegenheid: hij heeft hem zien opgroeien als een zoon en waardeert zijn intelligentie en opleiding als civiel ingenieur.
Sportief gezien wijt Pérez de opeenstapeling van blessures vorig seizoen aan het ontbreken van een goede voorbereiding door het WK voor clubs. Hij verdedigt Vinicius en Mbappé tegen kritiek en ontkent enige onverenigbaarheid: hij beschouwt hen als de twee beste spelers ter wereld. Over de Braziliaan zegt hij te hopen dat hij nog jaren bij de club blijft en benadrukt dat de contractverlenging niet om geld draait.
Over Mbappé merkt hij op dat diens aanpassing aan een andere positie dan bij PSG hem soms uit balans heeft gebracht. Over de bank prijst hij de impact van José Mourinho tijdens diens periode bij Madrid, maar hij benadrukt dat hij nog geen beslissing heeft genomen en eerst de verkiezingen wil afhandelen.