Baltasar Garzón heeft deelgenomen aan het televisieprogramma El Intermedio om de recente berispingen van de Raad voor de Rechtspraak aan de regering te beoordelen vanwege hun opmerkingen over het werk van de rechters. De magistraat heeft respect uitgesproken voor het standpunt van het orgaan maar heeft duidelijk gemaakt dat hij het niet deelt, omdat hij een poging ziet om de rechterlijke macht te beschermen tegen elk publiek debat.
Volgens Garzón lijkt de boodschap van de CGPJ te suggereren dat men niet openlijk over justitie kan spreken. In zijn ogen is het zowel noodzakelijk als legitiem om gerechtelijke handelingen te bespreken en te bekritiseren. De magistraat heeft verduidelijkt dat de opmerkingen van de regering zich vooral richten op de manier waarop beslissingen die een procedure inleiden worden verspreid en hoe betrokken personen worden gepresenteerd.
Hij heeft erop gewezen dat wie als onderzochte wordt vermeld in de praktijk publiekelijk als verdachte wordt behandeld, een term die niet langer bestaat in de geldende wetgeving. Dit etiket, zo waarschuwde hij, veroorzaakt een persoonlijk en professioneel stigma dat zeer moeilijk terug te draaien is, zelfs voordat er een definitieve uitspraak ligt.
In zijn bijdrage wilde Garzón ook rechters, officieren van justitie en andere professionals in de justitiële sector verdedigen. Hij herinnerde eraan dat het gewone burgers zijn die, net als ieder ander, beïnvloed kunnen worden door het maatschappelijke klimaat van het moment.
Het zijn gewone mensen en ook zij zullen zich beïnvloed voelen door de sociale context... Of denken we soms dat ze zo onberispelijk zijn dat wat er gebeurt hen niet raakt?... Natuurlijk raakt het ons