De nieuwe documentaire Mario, geregisseerd door Peter Kunhardt, George Kunhardt en Teddy Kunhardt, brengt de vijf kinderen van de overleden gouverneur van New York samen om terug te blikken op zijn leven en carrière. De film verschijnt op een moment waarop Mario Cuomo vooral wordt aangehaald via vergelijkingen met zijn zoon Andrew of via zijn beroemde uitspraak dat politici in poëzie campagne voeren en in proza regeren.
Alle vijf de Cuomo-kinderen deden mee, samen met hun moeder Matilda. De aanwezigheid van Andrew en Chris trekt soms afleidende aandacht, maar de film gebruikt hun verhalen om Mario Cuomo’s pad door belangrijke historische periodes te volgen. Hij werd geboren tijdens de Grote Depressie, zag de effecten van de New Deal op zijn immigrantenfamilie in Queens, trad toe tot het openbare leven te midden van de onrust in New York City in de jaren zeventig en klom in de jaren tachtig op tot gouverneur als een duidelijk ideologisch tegenwicht tegen Ronald Reagan.
De documentaire bouwt op naar Cuomo’s keynote speech op de Democratische Nationale Conventie van 1984. Andrew Cuomo geeft gedetailleerd inzicht in het opstellen en de revisies van de speech. De toespraak geldt als een krachtige verklaring van Democratische waarden die de partij volgens velen sindsdien niet meer heeft weten terug te vinden, afgezien van momenten als Barack Obama’s eigen keynote speech jaren later. De film benadrukt de teleurstelling die volgde toen Cuomo er in 1988 na maanden van verwachting van zijn aanhangers toch van afzag om zich kandidaat te stellen voor het presidentschap.
Het illustreert niettemin het belang van het vertellen van de verhalen van de mensen die geen president werden, maar misschien juist daardoor des te interessanter waren.
De film bevat blikken op Cuomo’s privéleven, zoals het verlies van een belangrijke adviseur vroeg in de aidscrisis en zijn competitieve basketbalwedstrijden met zijn kinderen. Ook wordt zijn diepe katholieke geloof en de manier waarop hij religieuze overtuiging integreerde in progressieve beleidsmaatregelen onderzocht, in een tijd waarin conservatieve stemmen het publieke uiten van geloof domineerden. Deze elementen verschijnen naast bekendere beelden uit die periode en voorlezingen uit Cuomo’s uitgebreide dagboeken.
Ondanks de afgemeten, soms droge aanpak laat de documentaire kijkers nadenken over grotere thema’s. Het nodigt uit tot reflectie over hoe de Democratische Partij ooit inclusieve boodschappen verwoordde en waar vergelijkbare stemmen nu zouden kunnen bestaan. Het gevoel van wat had kunnen zijn blijft krachtig voor wie zich de periode herinnert, ook al kiest de film zelf voor een rechttoe-rechtaan verslag boven dramatische flair.