Een team van de Universiteit van Osaka heeft een immunologisch mechanisme geïdentificeerd dat zou kunnen verklaren hoe sommige mensen de 110 jaar of ouder bereiken. De bevinding, gepubliceerd in het tijdschrift Cell Reports, toont aan dat de cytotoxische CD4 T-lymfocyten opvallend toenemen vanaf de leeftijd van honderd jaar en bijdragen aan een efficiënte aanpassing van het immuunsysteem aan aanhoudende antigenen.
De onderzoekers beschrijven een proces van geleidelijke aanpassing: het immuunsysteem gaat van het reageren op een breed scala aan antigenen in de jeugd over naar het zich concentreren op reeds bekende antigenen en uiteindelijk op de antigenen die in de hoge ouderdom blijven bestaan. Hoewel deze specialisatie de diversiteit van de T-celreceptor vermindert en de respons op nieuwe bedreigingen beperkt, vertegenwoordigt het een rationele strategie om de bescherming tegen reeds ervaren pathogenen en tumorcellen te behouden.
Deze herstructurering kan worden beschreven als een verschuiving in de primaire immuundoelen, van diverse antigenen naar aangeleerde antigenen en uiteindelijk naar aanhoudende antigenen op hoge leeftijd.
Deze lymfocyten, die gedurende het grootste deel van het leven zeldzaam zijn, nemen significant toe na de 100 jaar. Volgens de studie kunnen ze bijdragen aan het onderdrukken van kankerontwikkeling en het bevorderen van een langer leven door adaptieve responsen op aanhoudende antigenen, waardoor de veerkracht van het lichaam tegen veroudering wordt versterkt.
Het team, geleid door Kosuke Hashimoto, analyseerde bloedmonsters van 28 volwassenen tussen de 70 en 110 jaar of ouder, waarvan 20 vrouwen en 8 mannen. De resultaten zijn consistent, hoewel de auteurs opmerken dat de moeilijkheid om mensen met extreme levensduur te rekruteren nader onderzoek met grotere steekproeven aanraadt om de bevindingen te bevestigen.