Het Spaanse elftal heeft zijn status als wereldtop heroverd na de titel op het WK van 2026. Onder leiding van Luis de la Fuente is het team het belangrijkste doelwit geworden van alle grote voetbalnaties, die al hun antwoord voorbereiden voor de komende toernooien.
Het schema biedt geen rust. De eerste grote test komt op het EK van 2028 en twee jaar later verdedigt Spanje zijn titel op een WK 2030 dat ook op Spaanse bodem wordt gespeeld.
Spanje jaagt op een historisch succes dat maar weinig teams hebben behaald. De huidige dominantie dwingt de andere landen tot radicale oplossingen op de bank om de regerend wereldkampioen te stoppen.
Vier van de belangrijkste bonden hebben gekozen of staan op het punt te kiezen voor toptrainers. Carlo Ancelotti werkt al met Brazilië. Frankrijk vertrouwt op Zinedine Zidane voor de generatiewisseling. Duitsland heeft gekozen voor de terugkeer van Jürgen Klopp. Italië houdt de belangstelling voor Pep Guardiola levend.
Didier Deschamps sluit een succesvolle periode af bij de Bleus na de wereldtitel van 2018 en de tweede plaats in 2022. De opvolging komt bij Zidane te liggen, wiens aanstelling binnenkort wordt verwacht.
De oud-trainer van Real Madrid erft een selectie vol talent en ervaring in grote toernooien. Zijn taak is het niveau van zijn voorganger te behouden en Frankrijk opnieuw als de grootste Europese bedreiging voor Spanje te positioneren.
De Italiaanse coach is al begonnen aan zijn periode bij de vijfvoudig wereldkampioen. Na een teleurstellend WK 2026 zoekt Brazilië zijn historische identiteit en gezag terug.
Ancelotti heeft vier jaar om het project voor het WK 2030 voor te bereiden. Zijn ervaring met topkaders en zijn 31 behaalde titels vormen de meest solide keuze om Brazilië weer naar de top te brengen.
Na weer een teleurstellend resultaat op het WK heeft de Duitse bond gekozen voor Klopp als de man die de wederopbouw moet leiden. De Duitse coach, tijdelijk weg van de banken na zijn periode bij Liverpool, brengt emotioneel leiderschap en het vermogen om competitieve teams te bouwen.
Italië, afwezig op de laatste twee WK’s, zoekt een opvallende zet. De naam die het hardst klinkt is die van Guardiola, die nog nooit een nationaal elftal heeft getraind. Zijn mogelijke komst zou een radicale omslag betekenen naar een balbezitgericht voetbal.
Zelden komen zoveel topnaties tegelijk uit bij trainers van dit kaliber. Zidane, Ancelotti, Klopp en Guardiola hebben samen tientallen titels op hun naam en vertegenwoordigen verschillende filosofieën met één gemeenschappelijk doel: een einde maken aan de Spaanse hegemonie.
Het EK van 2028 wordt het eerste hoofdstuk van deze strijd. Het WK van 2030, met Spanje als gastheer, kan het definitieve toneel worden van een dynastie die een tijdperk dreigt te domineren.