De Kroatische voetbalbond (HNS) heeft een officiële brief gestuurd naar de FIFA waarin de bond gedetailleerde uitleg vraagt over verschillende arbitrage- en VAR-beslissingen die volgens de bond hebben geleid tot hun uitschakeling tegen Portugal in de achtste finales van het WK.
De brief, een dag na de wedstrijd van 2 juli gepubliceerd door de Kroatische krant Sportske novosti, heeft als hoofddoel te voorkomen dat soortgelijke situaties zich in de toekomst herhalen en meer duidelijkheid te garanderen bij de toepassing van de regels.
In de brief geeft de HNS aan dat Kroatië in de tweede helft van de wedstrijd tegen Portugal drie doelpunten zag afgekeurd wegens vermeende buitenspelposities die na ingrijpen van de VAR werden vastgesteld.
Een van de meest omstreden momenten betrof volgens de bond de toekenning van een strafschop aan Portugal die de gelijkmaker opleverde. De hoofdarbiter stond dicht bij de actie en zag geen reden voor de maximumstraf, maar de VAR greep toch in.
Bijzondere aandacht gaat uit naar de afkeuring van de treffer van Josko Gvardiol in de 103e minuut. Scheidsrechter Espen Eskås keurde de actie af wegens vermeend buitenspel van Mario Pasalic, gebaseerd op een mogelijk balcontact door Igor Matanovic.
De officiële mededeling van de FIFA stelde dat de Connected Ball-technologie dat contact registreerde en het doelpunt terecht afkeurde. De HNS betwist echter de interpretatie van de regel over haar als lichaamsdeel en stelt dat onduidelijk is of het contact de balbaan daadwerkelijk beïnvloedde.
Wij vinden het fundamenteel onjuist dat een nauwelijks waarneembare trilling die door een sensor wordt geregistreerd, de uitslag van een wedstrijd van zo groot belang kan bepalen.
De HNS benadrukt dat de actie die tot de strafschop leidde niet voldeed aan de voorwaarden om als ernstig niet waargenomen incident te worden beoordeeld. Met deze brief wil de bond een debat op gang brengen over de grenzen van de technologie en de transparantie van VAR-beslissingen tijdens wedstrijden van het hoogste niveau.