Het Provinciaal Hof van A Coruña heeft de verplichting bevestigd van een gescheiden vader om alimentatie te blijven betalen aan zijn drie kinderen van 26, 27 en 29 jaar. De beslissing wijst het beroep van de vader af, die de economische bijdrage wilde stopzetten die hij al tien jaar betaalt sinds zijn echtscheiding.
De zaak begon met een vordering van de vader, die aanvoerde dat zijn kinderen al oud genoeg waren om zelfstandig te leven en geen financiële steun van hem nodig hadden. Onder zijn argumenten viel op dat een van hen te kwader trouw zou handelen door in een bedrijf te werken terwijl hij beweerde op een academie voor examens te studeren. Ook wees hij erop dat zijn ex-vrouw bij een familielid woonde en niet alle huishoudelijke kosten op zich nam.
Een rechtbank in Corcubión had de initiële vordering al afgewezen. De rechters herinnerden eraan dat de onderhoudsplicht jegens de kinderen niet automatisch eindigt bij het bereiken van de meerderjarigheid. Deze plicht blijft bestaan totdat de kinderen een situatie van economische, arbeidsmatige en sociale stabiliteit bereiken die hen in staat stelt zelfstandig te leven. Bovendien oordeelde het hof dat de vermeende kwade trouw van de zoon niet was aangetoond.
Na de eerste afwijzing ging de man in beroep bij het Provinciaal Hof van A Coruña. Het hogere hof heeft dezelfde lijn gevolgd en alle argumenten van de appellant verworpen. De einduitspraak bepaalt dat de vader de betalingen moet voortzetten zolang niet is aangetoond dat zijn kinderen de vereiste economische onafhankelijkheid hebben bereikt.