De officiële komst van Kang-in Lee heeft Atlético de Madrid in een nieuwe fase van de zomermarkt gebracht. De Zuid-Koreaan is de derde aanwinst van de rojiblancos na Grimaldo en Hjulmand. De drie aankopen kosten samen al 90 miljoen euro, exclusief variabelen, en hebben de kas vrijwel leeg achtergelaten.
Het is nu tijd om te verkopen. Mateu Alemany, in zijn eerste zomermarkt als sportief verantwoordelijke, heeft vijf namen op het oog om inkomsten te genereren: Almada, Sorloth, Ruggeri, Lemar en Giménez.
De Argentijn lijkt de speler met de grootste kans om als eerste te vertrekken. Er zijn al biedingen uit Saoedi-Arabië en van River Plate, maar Flamengo lijkt het dichtst bij een akkoord. Een eerdere vertrek, dat van Lenglet naar Benfica, leverde alleen twee jaar contractvrijheid op zonder noemenswaardige inkomsten.
Twee andere namen springen eruit vanwege hun potentieel om flinke inkomsten op te leveren. Zowel de Noor Sorloth als de Italiaan Ruggeri zou de komende weken kunnen vertrekken. Geen van beiden is onmisbaar voor het seizoen 2026-27: de aanvaller heeft zich nooit volledig bewezen ondanks zijn doelpunten en de linksback ziet zijn kansen afnemen na de komst van Grimaldo.
Beide spelers trekken interesse van Italiaanse clubs, waar ze nog steeds in aanzien staan. Atlético wacht op biedingen die zowel de spelers als de clubkas tevredenstellen.
De twee andere spelers hebben korte contracten. Lemar heeft nog één jaar en Giménez twee. Het hoofddoel is in beide gevallen salarisruimte vrijmaken in plaats van hoge transfersommen. De Fransman sleept nog steeds de hoge afschrijvingskosten mee en de Uruguayaan, derde aanvoerder met de meeste anciënniteit, heeft een hoog salaris.
De vertrekken zetten een nieuwe fase van de markt in gang. De club moet twee sleutelposities invullen: het hart van de verdediging, waar nog maar drie centrale verdedigers overblijven (Pubill, Hancko en Le Normand), en de aanval, die een vervanger nodig heeft voor Sorloth, die gemiddeld twintig doelpunten per seizoen scoort.