Zorgt prijzig kunstmest voor duurder of helemaal geen eten? Vijf vragen

zondag, 26 april 2026 (10:31) - RTL Nieuws

In dit artikel:

De prijs van kunstmest is recent flink gestegen door hogere energie- en grondstofkosten. Gas en olie zijn zowel nodig als energiebron voor de productie als grondstof (bijvoorbeeld voor ureum). Bovendien komt ongeveer een vijfde van de wereldproductie uit het Midden-Oosten; de blokkade van de Straat van Hormuz belemmert de aanvoer naar andere regio’s, waardoor wereldwijde tekorten en prijsdruk ontstaan.

In Nederland is er vooralsnog geen acuut tekort: Europese fabrieken draaien en er is voldoende voorraad ingekocht voor dit teeltseizoen. Nederland is bovendien minder kwetsbaar dan veel landen omdat de intensieve veehouderij een grote hoeveelheid dierlijke mest levert, die kunstmest deels kan vervangen. Toch zullen hogere kunstmestprijzen via duurder veevoer op termijn ook Nederlandse veehouders raken, door een vertraagde doorwerking van kosten naar de keten.

De grootste effecten worden nu al zichtbaar in ontwikkelingslanden, met name in Azië en Afrika. Boeren daar gebruiken minder kunstmest wegens de prijsstijging, waardoor de opbrengsten dalen en landen nog sterker afhankelijk worden van geïmporteerd goedkoop voedsel. Dat vormt voor beleidsmakers een lastig keuzemoment: investeren in lokale landbouw verhoogt voedselzekerheid maar drijft vaak ook de binnenlandse voedselprijzen op.

Onderzoekers waarschuwen dat herhaalde schokken — eerst corona, daarna de oorlog in Oekraïne en nu het conflict in het Midden-Oosten — samen met klimaatverandering het mondiale voedselsysteem fors verzwakken. Nederland heeft volgens sommige experts onvoldoende schaalbare mechanismen om grootschalige voedselcrises op te vangen; voedselbanken zijn maatschappelijke initiatieven maar geen structurele crisisinfrastructuur. Er ligt een beleidsvraag of en hoe de overheid zou ingrijpen bij sterke prijsstijgingen (bijvoorbeeld via subsidiëring).

Als alternatief voor fossiele kunstmest wijzen onderzoekers op duurzamere, meer lokale opties: terugwinnen van nutriënten uit urine, rioolwater en reststromen uit de voedselindustrie om gerecyclede meststoffen te maken. Zulke routes bestaan, maar moeten opgeschaald worden om echt betekenisvol te worden. Ondertussen profiteren sommige commerciële producenten, zoals de Noorse fabrikant Yara, kortetermijns van hogere prijzen.