Zorgen in Kamer over slagkracht politie vanwege tekort van 46 miljoen
In dit artikel:
De Tweede Kamer debatteerde vandaag over de financiële problemen bij de Nationale Politie, nadat het korps een tekort van ongeveer 46 miljoen euro voor dit jaar signaleerde. Demissionair minister Gido van Oosten (VVD) benadrukte dat volgens hem de basiszorg - zoals noodhulp, afhandeling van 112-meldingen en levensreddende assistentie - buiten eventuele bezuinigingen moet blijven. De Kamer is echter sceptisch: veel partijen vrezen dat snijden in ondersteunende diensten uiteindelijk toch de zichtbaarheid en slagkracht van de agent op straat aantast.
GroenLinks en PvdA legden een voorstel neer om de gaten te dichten met niet-bestede posten uit de rijksbegroting; dat voorstel kan mogelijk op een meerderheid rekenen, maar of die middelen echt beschikbaar zijn is onzeker. Definitieve besluitvorming staat pas in maart gepland en de huidige financiën van de politie liggen tevens op de formatietafel van de kabinetsformatie, waardoor toekomstige afspraken kunnen veranderen.
Tegenargumenten benadrukten dat de politie vorig jaar juist om structureel veel meer geld vroeg: regioburgemeesters, OM, politie en vakbonden noemden een behoefte van circa 350 miljoen euro per jaar om de toegenomen criminaliteit en maatschappelijke onrust aan te kunnen. Kamerleden wezen ook op een sterke stijging van zedenzaken en digitale misdrijven, met grote wachttijden door gebrek aan capaciteit.
In het debat stuitten beschuldigingen over financieel beheer van het korps op tegen verklaringen dat het totale politiebudget de afgelopen jaren al flink is gegroeid (van circa 5,5 naar 8,5 miljard euro). De algemene teneur was dat de rek er bij veel partijen en politiebazen uit lijkt te zijn en dat helderheid over structurele financiering nodig blijft voordat zekerheid over de operationele sterkte kan worden gegeven.