Zorgbezuiniging raakt honderdduizenden chronisch zieken en gehandicapten. 'Je komt op een punt dat je moet inleveren op je gezondheid'
In dit artikel:
Myra (59) uit Hilversum is al twintig jaar ernstig ziek: op haar 39ste kreeg ze ME, later kwamen Lyme en long covid erbij. Ze is arbeidsongeschikt, heeft bijna geen energie, is aan huis gekluisterd en merkt dat haar conditie achteruitgaat. Haar zorgkosten zijn hoog — speciaal dieet, fysiotherapie, medicijnen, hoge reiskosten en sneller slijtend beddengoed — en veel daarvan betaalt ze zelf. Dankzij de aftrek specifieke zorgkosten krijgt ze jaarlijks een deel terug; zonder die tegemoetkoming kan ze niet rondkomen. „Ik merk dat ik achteruit ga,” zegt ze over haar gezondheid.
Het kabinet-Jetten wil deze fiscale aftrekpost per 2028 afschaffen, samen met de daarmee verbonden tegemoetkoming specifieke zorgkosten. De maatregel staat in het coalitieakkoord en is bedoeld om een ingewikkelde en volgens ambtenaren en onderzoekers problematische regeling te beëindigen. Evaluaties van ministeries en het onderzoeksbureau Dialogic noemen de aftrek ondoorzichtig, fraudegevoelig en administratief zwaar — zowel voor belastingplichtigen als voor de Belastingdienst. Voorbeelden van problemen zijn onduidelijkheid over welke uitgaven aftrekbaar zijn, dubbelgebruik van dure hulpmiddelen (zoals een traplift) en het feit dat mensen eerst kosten moeten voorschieten.
Deskundigen noemen de regeling complex en tijdrovend; ook de Belastingdienst kampt met handmatig en lastig controlewerk, zonder medische data als hulpmiddel. Critici wijzen erop dat vooral mensen met weinig inkomen en hoge zorgkosten het hardst getroffen worden: veel chronisch zieken durven geen kosten op te geven uit angst fouten te maken of hebben simpelweg geen spaargeld om voorschotten te betalen.
Cijfers tonen dat in 2023 ongeveer 900.000 Nederlanders gebruikmaakten van de regeling. Zeven op de tien ontvingen minder dan €250 terug, maar er zijn ook mensen die duizenden euro’s per jaar vergoed krijgen. Een voorbeeld uit het artikel: Mariëlle van Dijk-Janssen zegt jaarlijks zo’n €15.000 terug te krijgen, waarmee ze therapieën en medicijnen kan betalen en haar functioneren op peil houdt; zonder de aftrek ziet zij haar financiële en fysieke situatie sterk verslechteren.
Het kabinet stelt een compensatie van €350 miljoen per jaar voor, uit te keren via gemeenten, maar dat bedrag ligt ruim onder de geraamde bezuiniging van €618 miljoen. Het ministerie rekent deels op aanvullende opbrengsten doordat mensen door het wegvallen van de aftrek een hoger verzamelinkomen krijgen en daardoor minder toeslagen ontvangen. Gemeenten waarschuwden echter al dat zij niet de capaciteit of middelen hebben om zo’n regeling eerlijk en uitvoerbaar te verdelen; er dreigt willekeur per gemeente.
Belangenorganisaties zoals Ieder(In) en sommige politici waarschuwen dat het schrappen mensen met een beperking of chronische ziekte financieel en qua zorgvermogen hard raakt. Zowel zij als fiscale experts pleiten voor een eenvoudiger, beter doelgerichte landelijke regeling ter vervanging, maar het is nog onduidelijk hoe die eruit zou moeten zien. Politiek en publiek debat over de maatregel blijft gevoelig: het schrappen van een regeling die voor sommigen essentieel is, kan als hardvochtig worden gezien.