Zoon van in 1992 vermoorde Haagse garagehouder wil gerechtigheid
In dit artikel:
De zoon van de in 1992 vermoorde Haagse garagehouder Louis ‘Loek’ van Dam eist dat de dader alsnog een celstraf krijgt. Van Dam (64) werd op 28 januari 1992 dood aangetroffen in zijn garage aan de Kritzingerstraat in Den Haag; hij was op korte afstand van achteren met zes schoten geraakt. Tijdens het proces tegen de 71‑jarige Ruben B., die wordt verdacht van betrokkenheid bij de moord, werd een verklaring van Van Dams zoon voorgelezen: „Ik moet weten dat deze daad niet zonder gevolgen blijft.”
Justitie vermoedt dat B. zijn toen 15‑jarige zoon mogelijk opdracht gaf om te schieten; van die jongen werden na de moord twee vingerafdrukken in de garage gevonden. Tegen hem kon niet worden vervolgd omdat die zaak is verjaard. B. ontkent zelf ooit een wapen te hebben gehad of iemand te hebben gevraagd te doden. Mogelijk motief is jaloezie: Van Dam had naar verluidt een verhouding met B.’s vrouw. Van Dam zou B. eerder hebben bedreigd en zich kort voor zijn dood bij de politie hebben gemeld vanwege de bedreigingen; hij hield die periode ook een dagboek bij.
B. was al in 1992 als verdachte genoemd maar vrijgelaten wegens gebrek aan bewijs. Nieuwe informatie in 2022 leidde tot zijn arrestatie in maart 2025; in augustus 2025 werden ook een broer en een neef van B. aangehouden na een tip. Van sommige getuigen zijn later verklaringen ingetrokken. Het Openbaar Ministerie moet nog beslissen of de broer en neef worden vervolgd.