Zoon blijft na dood vader in diens appartement wonen: rechter gelast verkoop en hij betaalt zijn zussen €2.858 per jaar

zaterdag, 7 november 2026 (22:37) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

De Rechtbank Zeeland-West-Brabant bepaalde op 26 augustus 2026 dat een zoon die na het overlijden van zijn vader in diens appartement bleef wonen, zijn twee zussen jaarlijks €2.858 moet betalen. De vergoeding geldt vanaf het overlijden in november 2021 tot de feitelijke verdeling van de woning. Het appartement, dat vrij van hypotheek was, wordt aan een derde verkocht. De zoon moet het uiterlijk twee weken vóór de levering schoon en leeg opleveren. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad en geldt dus direct, ook als hoger beroep wordt ingesteld.

De drie kinderen erfden ieder een derde van de nalatenschap. De zussen wilden de erfenis verdelen en verkoop afdwingen. De zoon stemde uiteindelijk in met verkoop, maar vroeg vanwege zijn gezondheid en zijn eerdere zorg voor zijn vader om extra tijd. De partijen maakten een tijdschema voor de verkoop, dat de rechtbank met enkele aanpassingen overnam. Volgens de rechter mag een mede-erfgenaam een gezamenlijk huis gebruiken, maar moet hij de anderen compenseren wanneer hij hen feitelijk van het gebruik uitsluit. De persoonlijke omstandigheden van de zoon wogen niet zwaarder dan het belang van zijn zussen bij die vergoeding.

Voor de berekening werd 2,5 procent van een vrije verkoopwaarde van €339.000 als uitgangspunt genomen. De rechtbank accepteerde die methode, omdat de hoogte niet was betwist, en stelde het bedrag vast op €2.858 per jaar voor beide zussen samen, oftewel €1.429 per zus. Dit is geen algemeen wettelijk tarief; een andere rechter kan in een vergelijkbare situatie anders rekenen. Ook moet de zoon per zus €738,10 vergoeden voor bepaalde gebruikslasten die eerder via de ervenrekening waren betaald. Een bredere eis van de zussen voor onder meer eigenaarslasten, belastingen en andere kosten werd grotendeels afgewezen, omdat niet was aangetoond dat de zoon de verkoop onrechtmatig had tegengewerkt.

De auto van de vader gaat naar de zoon, die zijn zussen daarvoor ieder €2.166,67 betaalt. Verder moeten de erfgenamen onderling nog de geldvorderingen vaststellen die voortkomen uit de nalatenschap van hun moeder. De opbrengst van het appartement wordt eerst gebruikt voor schulden en andere verplichtingen uit de nalatenschap; het resterende bedrag wordt gelijk verdeeld. De rechtbank liet iedere partij de eigen proceskosten betalen. De zaak onderstreept dat erfgenamen afspraken over bewoning, vergoedingen en kosten het best schriftelijk vastleggen en vorderingen niet te lang moeten laten liggen, omdat verjaring een rol kan spelen.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: René van der Gijp heeft genoeg gezien van Ajax en trekt een opvallende conclusie