Ziektewet kwam te laat, UWV gaf voorschot: vrouw kreeg nabetaling en moet voorschot terugbetalen
In dit artikel:
De Centrale Raad van Beroep heeft op 7 oktober bepaald dat een zieke vrouw €4.420,25 bruto aan WIA-voorschotten moet terugbetalen aan UWV. De uitspraak werd op 12 oktober gepubliceerd. De vrouw kreeg het voorschot omdat haar aanvraag voor een WIA-uitkering nog liep en haar voormalige werkgever haar Ziektewet-uitkering te laat betaalde.
De vrouw had van mei 2022 tot en met april 2024 recht op Ziektewet. Nadat zij in september 2023 een WIA-uitkering had aangevraagd, ontving zij vanaf januari 2024 een voorschot. UWV wees de aanvraag in april af, waarna zij een WW-uitkering kreeg. In juni 2024 betaalde haar voormalige werkgever alsnog met terugwerkende kracht Ziektewet over een periode waarin zij ook het WIA-voorschot had ontvangen. Daardoor was sprake van een dubbele betaling en vorderde UWV het voorschot over 22 december 2023 tot en met 31 maart 2024 terug.
Na bezwaar kreeg de vrouw alsnog WIA vanaf 22 december 2023. UWV verrekende die uitkering met de eerder betaalde Ziektewet en WW. Hoewel vaststond dat de vrouw niets kon worden verweten, vond de Raad dat UWV het voorschot terecht terugvorderde. De vertraging was veroorzaakt door de werkgever en UWV had het voorschot juist verstrekt om financiële problemen te voorkomen. Volgens de Raad had de vrouw bij de nabetaling kunnen begrijpen dat zij dubbel betaald kreeg en het bedrag kunnen reserveren. Dat zij er naar eigen zeggen andere schulden mee afbetaalde, had zij niet onderbouwd.
Ze betaalt het bedrag terug met €50 per maand. De Raad vond dat UWV daarmee voldoende rekening hield met haar financiële situatie. Een wetsvoorstel om WIA-voorschotten onder voorwaarden kwijt te schelden ligt nog bij de Tweede Kamer.
Vandaag Inside: René van der Gijp wil Marcos Leonardo eindelijk eens zien scoren: 'Ik ga de training bezoeken!'