Ziekenhuis Assen maakt extra kosten voor continu openhouden spoedhulp. Verzoek om 2 miljoen subsidie is toch afgewezen
In dit artikel:
Het Wilhelmina Ziekenhuis Assen (WZA) heeft voor de kosten van de spoedeisende hulp over 2025 bijna twee miljoen euro extra gevraagd, maar kreeg afwijzing van de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Ook het Saxenburgh Medisch Centrum in Hardenberg—dat voor twee jaar ruim 4 miljoen euro vroeg—zag zijn aanvraag teruggewezen. Beide ziekenhuizen stapten in beroep, maar het College van Beroep voor het bedrijfsleven bevestigde recent dat de subsidies terecht geweigerd bleven.
De kern van de zaak is de zogenoemde beschikbaarheidsbijdrage voor ‘gevoelige’ ziekenhuizen: instellingen waarvoor sluiting van de SEH betekent dat binnen 45 minuten geen spoedhulp meer bereikbaar is. Het RIVM maakt op basis van bereikbaarheidanalyses een lijst van zulke ziekenhuizen. Volgens die toets gelden WZA en Saxenburgh niet als gevoelig, waardoor ze geen recht hebben op de extra vergoeding.
De ziekenhuizen voerden tegenargumenten aan: in 2023 waren omliggende SEH’s (Emmen, Groningen, Meppel, Zwolle) soms ’s nachts tijdelijk gesloten, waardoor ambulances vaker naar Assen en Hardenberg moesten doorrijden en de druk op hun eigen SEH toenam. Ook stelden ze dat de huidige bekostiging per patiënt onvoldoende is om een 24/7-spoedeisende hulp in kleinere ziekenhuizen betaalbaar te houden. Het college oordeelde dat zulke operationele en financiële omstandigheden de toekenningscriteria niet veranderen; de regeling is niet bedoeld als compensatie voor bedrijfseconomisch verlies.
Het WZA benadrukt dat de afwijzing niets verandert aan hun inzet voor acute zorg in de regio. Zoals bestuurslid Erwin van Santen zei: "Daar is geen discussie over." De uitspraak houdt echter het spanningsveld zichtbaar tussen landelijke bereikbaarheidsnormen en de praktijk van kleine, regionale ziekenhuizen die regelmatig piekdrukte opvangen.