'Zieke' treinmachinist die elders werkte, kan fluiten naar 100.000 euro ontslagvergoeding

donderdag, 7 mei 2026 (07:02) - RTL Nieuws

In dit artikel:

Een treinmachinist die sinds de herfst van 2022 in dienst was bij Lineas Nederland (de Nederlandse tak van de Belgische goederentreinvervoerder met activiteiten in Rotterdam en Antwerpen) is door de rechtbank Rotterdam in het ongelijk gesteld nadat hij tijdens ziekte elders werkte. In oktober 2024 meldde hij zich ziek met burn-outklachten. Begin 2025 kreeg zijn werkgever aanwijzingen dat hij toch werkte; onderzoek toonde aan dat hij als machinist bij Qbuzz aan de slag was gegaan en zijn uren daar sterk opvoerde — van 24 uur in januari tot circa 140 uur (inclusief acht nachtdiensten) in april — bijna een fulltime rooster. Ook zou hij bij een derde partij als examinator gewerkt hebben.

Lineas confronteerde hem eind mei met de bevindingen en ontsloeg hem op staande voet. De machinist stapte naar de kantonrechter en eiste ruim 100.000 euro schadevergoeding plus naar schatting zo’n 10.000 euro aan transitie- en loonbetalingen. Hij voerde onder meer aan dat zijn werkgever in 2023 onder voorwaarden toestemming had gegeven voor nevenwerkzaamheden, dat zijn loon tijdens ziekte zou terugvallen tot 75 procent en dat het werk bij Qbuzz minder belastend was omdat hij passagiers in plaats van goederen vervoerde.

De rechter ging niet mee in die verweren. Toestemming voor nevenwerkzaamheden in 2023 hield volgens de rechter niet in dat hij tijdens arbeidsongeschiktheid die taken mocht uitvoeren, laat staan kon uitbreiden naar bijna een volledige baan. De kantonrechter vond bovendien dat de machinist de bedrijfsarts onjuist informeerde over het soort en de zwaarte van het werk en dat zijn nevenactiviteiten de re-integratie bij Lineas schaadden. Conclusie: zijn handelen was “ernstig verwijtbaar” en het ontslag was terecht; zijn vorderingen werden afgewezen.

Kortom: de combinatie van niet-aangegeven betaald werk tijdens ziekte, een aanzienlijke opbouw van uren bij een concurrerende vervoerder en het belemmeren van re-integratie leidde tot een gerechtelijk verlies voor de werknemer. In het Nederlandse arbeidsrecht kan dergelijk handelen zwaarwegende gevolgen hebben voor ontslag- en vergoedingsrechten.