Zeven maanden na de motie voor een verbod wil de VVD van Van Weel weten of de Moslimbroederschap meepraat met de overheid

dinsdag, 27 oktober 2026 (06:37) - Dagelijkse Standaard

In dit artikel:

De Tweede Kamer nam op 17 maart een PVV-motie aan die de regering oproept de Moslimbroederschap en aan haar gelieerde organisaties te verbieden. De motie kreeg steun van onder meer de VVD, PVV, JA21, SGP, BBB, FVD, ChristenUnie en 50PLUS en behaalde 76 van de 150 stemmen. Het CDA stemde tegen. Volgens CDA-Kamerlid Tijs van den Brink beschouwt de AIVD de Moslimbroederschap niet als een formele organisatie, waardoor een verbod juridisch niet voor de hand zou liggen.

Zeven maanden later is er nog geen verbod. VVD-Kamerleden Bente Becker en Claire Martens-America vroegen minister van Justitie en Veiligheid David van Weel op 23 oktober schriftelijk welke aan de beweging gelieerde netwerken in Nederland actief zijn, hoe groot hun invloed is en welk beleid het kabinet voert. Ook willen zij weten hoe wordt voorkomen dat vertegenwoordigers van zulke netwerken gesprekspartner worden bij beleid over integratie en onderwijs. De vragen volgden op berichtgeving in De Telegraaf over mogelijke banden tussen islamistische netwerken en rellen in Frankrijk. De VVD vraagt om snelle beantwoording, onder meer in de toegezegde brief over ongewenste buitenlandse inmenging.

Het opiniestuk bekritiseert de VVD omdat zij de minister bevraagt terwijl zij zelf deel uitmaakt van de coalitie en eerder voor de motie stemde. Volgens de auteur zou de partij Van Weel rechtstreeks tot uitvoering van het Kamerbesluit moeten aansporen, in plaats van om nieuwe informatie of onderzoek te vragen.

Als context verwijst het artikel naar een Frans overheidsrapport uit mei 2025, waarin wordt gewaarschuwd voor de aanwezigheid van militante netwerken in de lokale politiek en de publieke ruimte. Ook stelt het dat de Moslimbroederschap niet voorkomt in het meest recente dreigingsbeeld van de NCTV en voor het laatst in het AIVD-jaarverslag over 2024 werd genoemd. De auteur ziet daarin een risico dat de overheid te weinig zicht heeft op organisaties waarmee zij gesprekken voert, subsidies verstrekt of samenwerkt. Het stuk pleit daarom voor het in kaart brengen van gelieerde organisaties, het beƫindigen van ongewenste contacten en subsidies en een verbod waar dat juridisch mogelijk is. Daarbij benadrukt het dat de kritiek volgens de auteur niet op moslims in het algemeen is gericht, maar op de politieke en radicale islam.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Tina Nijkamp houdt het niet meer na opmerkingen van Valentijn Driessen: 'Sorry!'