Zelfs vrouwenkiesrecht is gevoelig in een minderheidskabinet
In dit artikel:
Vlak voor kerst stuurde demissionair minister Frank Rijkaart (BBB) een weinig opzienbarende brief naar de Tweede Kamer over de kwestie rond vrouwenkiesrecht en de SGP. De timing — toen Kamerleden en journalisten net hun laptops dichtklapten — maakte dat het bericht weinig aandacht trok, maar inhoudelijk is het urgent: vrouwenorganisaties dreigen met rechtszaken omdat de SGP vasthoudt aan het standpunt dat het passief kiesrecht “in strijd is met de roeping van de vrouw”. Op de recente kandidatenlijst voor de Tweede Kamer stonden vijftig mannen en geen enkele vrouw; een vrouw die zich meldde werd zonder uitleg afgewezen. Alleen op gemeentelijk niveau komen SGP-vrouwen soms in beeld.
Ambtenaren waarschuwen dat de staat juridisch verplicht is op te treden, en Rijkaart heeft al voorzichtig opties laten verkennen — van een quotum tot het intrekken van subsidie — maar de kwestie is doorgeschoven naar het nieuwe kabinet. Dat plaatst beoogd premier Rob Jetten (D66) voor een moeilijk dilemma: zijn partij wil normaal gesproken actie om vrouwen toegang tot SGP-lijsten te garanderen, maar een minderheidskabinet is afhankelijk van oppositie-steun, en juist immateriële, symbolische concessies zijn vaak het ruilmiddel dat nodig is om meerderheden te bouwen.
De SGP kan daardoor veel invloed uitoefenen, vooral in de Eerste Kamer, in combinatie met partijen als Ja21 en BBB. SGP-leider Chris Stoffer waarschuwde dat het nieuwe kabinet rekening moet houden met gevoeligheden rond medische ethiek, gezin en onderwijsvrijheid — hij verwacht een gebaar. Dat plaatst Jetten voor keuzes rond meerdere gevoelige dossiers (embryowet, verbod op homohereniging, transgenderwet en onderzoek naar de positie van homoseksuele leerlingen op orthodoxe scholen), onderwerpen waar in de Tweede Kamer weliswaar vaak een meerderheid voor bestaat, maar waar een minderheidskabinet pijnlijke compromissen zal moeten sluiten.