Ze probeerden haar steeds klein te houden, ze werd zelfs verkracht - maar Mensje van Keulen is niet klein te krijgen

vrijdag, 20 februari 2026 (12:20) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

Mensje van Keulen beschrijft in Omgeslagen dagen, het vierde dagboekdeel dat de jaren 1983–1987 bestrijkt, hoe ze zich staande houdt als schrijfster, alleenstaande moeder en prominent figuur in het Amsterdamse literaire en culturele circuit. Rond haar negenendertigste reflecteert ze scherp op mannen in haar omgeving — van opscheppers en zelfbeklagende mannelijke schrijvers tot patroniserende vragen over wat zij “naast het schrijven” doet — en hekelt de ongelijkheid waarmee vrouwelijke kunstenaars vaak te maken hebben.

Tegelijkertijd werkt ze onvermoeibaar: kinderboeken, verhalen en een roman, optredens, veel lezen, reizen en een druk sociaal leven vullen haar dagen. Haar dagboek geeft daardoor niet alleen een persoonlijk beeld, maar ook een tijdsbeeld van de Amsterdamse kunstwereld en bredere thema’s zoals de aidsepidemie en het politieke klimaat van Thatcher.

Een dieptepunt in dit dagboekdeel is de beschrijving van een verkrachting door een bekende man die haar na een avond uit onverwacht binnendringt. Van Keulen verwerkt de gebeurtenis nuchter en zonder langdurig zelfbeklag; ze wordt ziek, voelt walging en vreest het nooit volledig te vergeten, maar kiest er bewust voor geen juridische procedure te starten omdat ze het niet nogmaals “er in wil wrijven” bij de vrouw van de dader. Haar reactie is vooral gericht op herstel en doorgaan.

Het boek laat zien hoe Van Keulen, ondanks verdriet en schandalen, haar eigen koers houdt: kritisch, laconiek en veerkrachtig. Omgeslagen dagen leest daarmee als zowel persoonlijk relaas als scherpe observatie van genderverhoudingen en het literaire leven in de jaren tachtig.