"Wordt recht toegepast of kijken we naar een poppenkast?"
In dit artikel:
Sylvie Lazet zet haar juridische strijd tegen het coronatoegangsbewijs (CTB) onveranderd voort. Het CTB was tussen 25 september 2021 en 25 februari 2022 verplicht voor toegang tot horeca, theaters en evenementen; Lazet, samen met mede-eisers Charles Gray en Helga Biezeman, beschouwt die maatregel als schending van grondrechten, discriminatie en aantasting van privacy en medische vrijheid. Op 23 april voerde zij in hoger beroep een gepassioneerd pleidooi, waarin ze benadrukte dat haar doel niet alleen is te winnen, maar “te exposen dat we niet meer in een rechtsstaat leven”.
Een lagere rechtbank concludeerde op 1 mei vorig jaar al dat het CTB weliswaar een inmenging in grondrechten was, maar juridisch gerechtvaardigd wegens de coronapandemie. Lazet en haar advocaat mr. Hugo de Groen menen dat de rechtbank niet inhoudelijk op veel punten is ingegaan en verwachten daarom geen gunstige uitkomst in hoger beroep, maar willen de zaak vooral gebruiken om aandacht te vestigen op wat zij zien als systemische fouten en corruptie binnen overheid en rechtspraak.
Als kernargumenten wezen de eisers op meldingen van bijwerkingen en sterfgevallen na vaccinatie. Zij haalden aan dat bijwerkingencentrum Lareb in februari 2021 al veel meldingen registreerde en dat uiteindelijk 1,1 miljoen meldingen en ruim 500 doden bij Lareb zijn binnengekomen — feiten die zij stellen te kunnen onderbouwen. Ook verwezen ze naar een Duitse parlementaire hoorzitting waar ex-Pfizer-toxicoloog Helmut Sterz volgens hen kritiek zou hebben geuit op de veiligheidsstudies voorafgaand aan vaccinaties. Volgens Lazet werd door de Nederlandse Staat ondanks deze signalen de vaccinatiecampagne voortgezet en later zelfs versterkt met het CTB, waardoor vaccinatiedruk zou zijn opgevoerd terwijl het vaccin volgens haar nog experimenteel was en risico’s niet voldoende waren onderzocht.
De zaak kwam ook persoonlijk binnen. Horecaondernemer Charles Gray vertelde hoe het CTB hem dwong zijn restaurants te sluiten omdat hij weigerde aan de deur mensen te controleren en zij volgens hem daardoor financiële én maatschappelijke schade leden. Een emotioneel moment ontstond na afloop toen Maria‑Louise Genet (stichtingspartner van VoorWaarheid en voormalige collega van één van de rechters) de zitting verliet met een directe oproep aan die rechter, wat indruk maakte op Lazet en de zaal.
Lazet voert inmiddels haar vijfde rechtszaak rond coronabeleid; ze noemt het een “zielsmissie” en wil, als het arrest van 28 juli negatief blijft, mogelijk cassatie proberen — afhankelijk van donaties. Zij signaleert dat steun en financiering afnemen omdat veel mensen “klaar zijn met het coronaverhaal”.
Kort contextueel: Lareb-rapportages betreffen spontane meldingen en zijn geen automatische bewijsvoering voor oorzakelijk verband tussen vaccinatie en effecten; autoriteiten en medische experts wegen dergelijke gegevens in breder pharmaco‑epidemiologisch onderzoek. De lagere rechter oordeelde eerder dat het CTB een proportionele publieke-maatregel was, iets waar Lazet en haar medestanders fundamenteel van verschillen maar wat het juridische strijdtoneel vormt.