Witwaszaak tegen Rabobank is een test voor het bestaande controlesysteem
In dit artikel:
In december 2025 voerde de FIOD een onverwachte inval uit in het hoofdkantoor van Rabobank in Utrecht. De actie maakt onderdeel uit van een groot onderzoek van het Openbaar Ministerie naar mogelijk tekortschietend toezicht van de bank op witwassen. Vorig jaar meldde het OM nog dat datzelfde onderzoek bijna afgerond was; de inval laat zien dat het onderzoek sindsdien is uitgebreid.
Aanvankelijk speelde het dossier rond Rabobank al langere tijd in de publieke en juridische arena. Journalisten en toezichthouders waren bezorgd dat Rabobank, net als eerder ING en ABN Amro, onvoldoende had gehandeld volgens de Wet ter voorkoming van witwassen en financiering van terrorisme (wwft). Onder druk van De Nederlandsche Bank nam Rabobank vervolgens extra personeel aan om achterstanden weg te werken, wat de bank miljarden kostte. In tegenstelling tot ING en ABN Amro koos Rabobank ervoor niet te schikken met justitie en liet de zaak door de rechter toetsen.
De zaak kreeg een nieuwe wending doordat het OM niet alleen dossiers uit de periode 2016–2021 opvroeg — zoals eerder bekend — maar het onderzoek verlengde tot “heden” en expliciet dossiers van 29 individuele klanten verlangde. Rabobank protesteerde fel tegen zowel de heropening van de zaak als de vordering van documenten; de bank stelt dat na 2021 geen regels meer zijn overtreden. De rechtbank oordeelde echter dat het OM de opgevraagde documenten mag blijven gebruiken.
Bij de uitvoering van de vordering traden FIOD-rechercheurs onaangekondigd op en waren zij naar buiten toe niet herkenbaar als opsporingsambtenaren, aldus het vonnis. In reactie zei Rabobank dat de acties van het OM de grenzen van behoorlijkheid zouden hebben overschreden, en dat de verhoudingen tussen de bank en justitie ernstig verstoord zijn geraakt.
De inval valt samen met interne veranderingen bij Rabobank: functies rond economische delicten werden ingepast in bredere managementrollen en het aantal medewerkers daalde licht — vooral bij de teams die witwascontroles uitvoeren. Financieel bestuurders gaven eerder aan dat de antiwitwaskosten zouden dalen en normaliseren. Tegelijkertijd loopt er een breed maatschappelijk en politiek debat over de proportionaliteit van de anti-witwasinspanning; de Algemene Rekenkamer concludeerde recent dat de opbrengst van die inspanningen onduidelijk is en dat controles mogelijk meer op hoogrisicoklanten gericht moeten worden. Minister van Financiën signaleerde ook negatieve, disproportionele effecten voor burgers en ondernemers.
De strafzaak tegen Rabobank is daarmee meer dan een strafrechtelijke controverse: het wordt een testcase voor het OM, voor de huidige werkwijze van banken en voor het hele systeem van witwasbestrijding in Nederland. Andere banken zullen de uitkomst scherp volgen; voor Rabobank betekent het dat het hoofdstuk witwastoezicht voorlopig niet gesloten is.