Wie zijn de mensen die terugverhuizen naar Amsterdam? 'Heerlijk dat ik nu zo vaak loop en fiets'

maandag, 23 februari 2026 (12:31) - Het Parool

In dit artikel:

Jaarlijks trekken duizenden mensen weg uit Amsterdam, maar een deel keert later terug — niet altijd uit spijt, wel uit aantrekkingskracht. Onderzoek van de gemeente laat zien dat er geen marginale groep terugkeerders is: op 1 januari vorig jaar stonden 68.254 inwoners geregistreerd die in Amsterdam waren geboren en later teruggekeerd. Van hen keerden meer dan 20.000 mensen tussen 30 en 64 jaar terug; ruim 1.600 waren ouder dan 65. Samen vormt dat zo’n 22.000 mensen die na studie- en beginjaren opnieuw voor de stad kozen.

Waarom mensen vertrekken is bekend: meer woonruimte, lagere kosten, een tuin, parkeerruimte en rust. Veel vertrekkers waren als jonge kinderen al met hun ouders verhuisd; dat verklaart mede waarom sommigen later “de beslissing van hun ouders ongedaan maken”. Onderzoek van het blad Ons Amsterdam onder oud-Amsterdammers in Almere en Purmerend toont ook dat nostalgie een grote rol speelt: respondenten missen cultuur, tramlawaai en specifieke markten zoals Dappermarkt en Albert Cuyp.

Waarom mensen terugkomen is minder eenduidig. Statistiek geeft geen directe motieven, maar aanvullend onderzoek wijst op terugkerende redenen: de wens om dichter bij familie en vrienden te wonen, betere bereikbaarheid, werk of studie dichtbij, toegang tot voorzieningen en culturele activiteiten. Voor ouderen spelen ook praktische woonwensen mee, zoals gelijkvloers of kleiner wonen. Grotere woningen blijken wel een genoemde motivatie bij degenen die wél terugverhuizen naar de stad, maar realistisch gezien is ruimte in Amsterdam beperkt.

Het artikel portretteert diverse terugkeerders om de variatie te tonen. Een stel dat na jaren in Lisserbroek terugkeerde naar de Jordaan kocht een oud pand en ervaart de combinatie van stadsreuring en buurtwarmte; hun kinderen keren deels terug en het “lege nest” werd uitgesteld. Een ander paar verliet Bussum en herontdekt nu het stedelijke leven tussen Centrum, Oost en Noord: zwemmen op het Marineterrein, culturele wandelingen en vaker contact met kinderen die nu dichterbij wonen. Een gezin uit Rijpwetering ruilde dorpsleven voor wonen op een schip nabij de Rivierenbuurt; de dagelijkse fietstocht door de stad en culturele uitjes bevestigden hun keuze.

Terugkeer is dus geen enkelvoudig fenomeen van de “spijtoptant”. Soms speelt heimwee of het ontbreken van stedelijke voorzieningen een rol; soms zijn het levensgebeurtenissen (huwelijk, scheiding, werk) of praktische wensen bij ouder worden. Veel terugkeerders benadrukken opnieuw gevonden buurtverbondenheid, cultuurparticipatie en de mobiliteit die de stad biedt—minder autorijden, meer fietsen en lopen.

Kortom: weggaan uit Amsterdam is voor velen een bewuste keuze, maar terugkomen gebeurt vaker dan je op het eerste gezicht zou denken. De motieven lopen uiteen van nostalgie en sociale verbondenheid tot praktische levensfases, waardoor de term ‘spijtoptant’ te simplistisch is voor een divers en wijdvertakt verschijnsel. Het Parool kondigt aan dit thema verder te onderzoeken en individuele portretten van teruggekeerden uit te diepen.