Wie kwam er niet bij Boerma's Antiekhoeve van Johan (99) in Uithuizen? 'Mijn vrouw zei: die rommel wil ik niet in huis'
In dit artikel:
Johan Boerma (99) uit Uithuizen kijkt in het boek Ik ben ja zelf al antiek terug op een leven als pionier van de antiekhandel in het Hogeland. Zijn zaak, Boerma’s Antiekhoeve aan de Dingeweg, groeide sinds de officiële inschrijving in 1973 uit tot een bonte enclave van serviezen, kasten, klokken, lampen en andere “oude rommel” die in de hoge koeienstallen een eigen wereld vormen.
De omslag naar antiek begon halverwege de jaren zeventig nadat een zware hernia hem belemmerde in het dagelijkse boerenwerk en een bezoekende nicht opmerkte dat een oud melkmaatje prima als bloempot dienst kon doen. Boerma, ooit veehandelaar en hospitaalchauffeur tijdens zijn diensttijd in voormalig Nederlands-Indië, kocht voor een rijksdaalder zijn eerste Keulse pot en ontdekte dat voorwerpen die op het platteland als waardeloos werden gezien elders gezocht werden. Langzaam reed hij uiteenlopende spullen bijeen — van grofvuil en zolders van gesloopte huizen tot vondsten uit ingegraven kelders — en combineerde aanvankelijk veehandel met antiekverkoop.
Met de verhuizing naar de boerderij aan de Dingeweg werden de stallen volgestouwd en nam de antiekhandel het werk over. Boerma ontwikkelde zijn kennis autodidactisch, bouwde klantenrelaties op met eerlijkheid en een handelsgeest, en verzamelde een schat aan anekdotes (waaronder het onvergetelijke: “Koopman, komt u eens hier” van een adellijke bezoekster). Zijn vrouw Riet en kinderen hielpen volop; dochter en zoon serveerden koffie, en zoon Erik nam de zaak in 2002 officieel over.
De omvang van de collectie is indrukwekkend — naar eigen zeggen ongeveer een miljoen voorwerpen met prijzen van €1 tot €10.000 — en de hoeve blijft klanten trekken ondanks digitale platforms en kringloopgroei. Boerma leverde bijvoorbeeld een kroonluchter aan Paleis Soestdijk, meubels voor de boerderij in de serie Hollands Hoop en inrichtingen voor modelwoningen in Groningen. Waar vroeger moeilijk aan spullen te komen was, is het nu vaak zaak ze kwijt te raken, maar de handel blijft levensvatbaar.
Ite Wierenga (79) uit Groningen schreef het boek nadat hij decennialang klant en vriend van Boerma was; zijn portret gebruikt Boerma’s herinneringen om ook een tijdsbeeld van het Groningse platteland te schetsen — van vooroorlogse jaren tot de veranderende jaren zeventig. Johan Boerma zelf geniet nog van tuinieren, familie en het af en toe rondlopen door de hoeve waar zijn levenswerk zichtbaar blijft.