Wie kiest de volgende dalai lama: China of Tibet?

zondag, 28 december 2025 (08:21) - VRT Nieuws

In dit artikel:

China heeft aangekondigd dat het de opvolging van de dalai lama wil regelen zodra de huidige leider overlijdt. Tenzin Gyatso, de 14e dalai lama, is 90 jaar oud en bevestigde deze zomer dat er na zijn dood een opvolger zal komen. Die belofte zet de wereld - en vooral de Tibetaanse gemeenschap - op scherp: de dalai lama is zowel het geestelijk boegbeeld van het Tibetaans boeddhisme als de voormalige politieke leider van Tibet, een regio die officieel autonome status binnen China heeft maar in de praktijk sterk door Beijing wordt beheerst.

De dalai lama leeft sinds 1959 in ballingschap in Dharamsala (India), waar hij samen met duizenden vluchtelingen en hun nakomelingen woonde nadat hij voor de Chinese troepen over de Himalaya vluchtte. Uit de Tibetaanse diaspora en hun vertegenwoordigers, onder wie Rigzin Gengkang in Brussel, klinkt nog altijd grote loyaliteit richting de dalai lama en de regering in ballingschap, ondanks dat die regering geen formele jurisdictie over Tibet meer uitoefent.

Binnen het Tibetaans boeddhisme gebeurt de erkenning van een nieuwe dalai lama volgens eeuwenoude rituelen: men zoekt een jong kind met tekenen en visioenen die wijzen op de reïncarnatie, let op rookrichting bij crematie en laat een kind herkenningsproeven afleggen met persoonlijke voorwerpen van de vorige dalai lama. De Gaden Phodrang Trust moet de benoeming bekrachtigen. De huidige dalai lama heeft zelf gezegd dat zijn opvolger in de 'vrije wereld' geboren zal worden, buiten Chinese controle.

China verzet zich daartegen: de regering stelde meteen dat opvolging moet gebeuren volgens Chinese wetten en verwees naar een keizerlijke gewoonte waarbij een naam uit een gouden urn wordt getrokken. Dat zou Beijing het recht geven om een door China erkende dalai lama te installeren. Veel Tibetanen en boeddhisten vrezen echter dat Peking religieuze symbolen politiciseert om controle over Tibet te versterken.

Er is een alarmerend precedent. In 1995 wees de dalai lama een zesjarig jongetje aan als panchen lama, de tweede hoogstgeplaatste geestelijke. Enkele dagen later verdwenen de jongen en zijn familie; China benoemde zelf een andere panchen lama en het door de dalai lama aangewezen kind is sindsdien nooit publiek gezien. Deze casus voedt de vrees dat China straks een eigen 'officiële' dalai lama kan doordrukken, terwijl veel Tibetanen die niet erkennen.

De politieke belangen achter Beijing’s inmenging zijn groot: Tibet heeft strategische waarde door natuurlijke hulpbronnen (zoals lithium en kobalt), omvangrijke zoetwaterreserves en een gevoelige grens met India. Naast economische motieven voert China ook culturele assimilatie door: partijkaders in kloosters, beperkingen op buitenlandse religieuze leraars, sluiting van privéscholen met Tibetaanse taal, en grootschalige plaatsing van plattelandskinderen in internaatonderwijs waarbij uitsluitend Chinees wordt onderwezen. Volgens vertegenwoordigers leidt dat tot snelle erosie van taal en cultuur.

Hoe de internationale gemeenschap zal reageren blijft onduidelijk. India zegt dat alleen het kantoor van de dalai lama het recht heeft om een opvolger aan te wijzen; Mongolië kijkt argwanend; de Verenigde Staten hebben in het verleden wetgeving (Tibet Policy and Support Act) aangenomen die alleen Tibetanen het recht toekent om een nieuwe dalai lama te kiezen en sancties mogelijk maakt tegen Chinese inmenging, maar steun en financiering voor Tibet werden recent ook teruggeschroefd.

In de diaspora is de spanning tastbaar. Belgisch-Tibetaanse contacten zijn hersteld (reizen naar China zonder visum), maar er zijn meldingen dat terugkerende Tibetanen op basis van naam of beelden van de dalai lama aan de grens worden teruggestuurd of geïntimideerd. Rigzin Gengkang waarschuwt dat de Chinese strategie erop gericht is religieuze autoriteit te benutten als politiek instrument; Tibetanen zullen volgens haar een door China opgelegde keuze niet erkennen.

De centrale vraag is niet alleen wie formeel de opvolger aanwijst, maar vooral wie die opvolger wereldwijd zal erkennen als de échte dalai lama. De komende jaren beloven een internationale breuklijn tussen religieuze traditie, geopolitiek en mensenrechten te verdiepen.