Wie denkt dat Schiphol nu gaat krimpen, is naïef
In dit artikel:
De Raad van State heeft deze week het Luchthavenverkeerbesluit voor Schiphol vernietigd — het besluit dat voormalig minister Barry Madlener (PVV) vorig jaar vastlegde en waarmee het aantal vluchten op 478.000 per jaar werd begrensd. Hoe dat plafond tot stand kwam is omstreden: onderzoek van NRC laat zien dat Madlener ambtenaren onder druk zou hebben gezet om rekensommen te produceren die op het gewenste aantal uitkomen, en dat er meerdere overlegmomenten waren met KLM en Schiphol waarbij de integriteit van ambtenaren ter discussie werd gesteld. Een topambtenaar meldde zich ziek wegens de druk.
Formeel bestaan er geen vaste limieten voor het aantal vluchten; beperkingen lopen via stikstofuitstoot en geluidsoverlast. In de praktijk ontbreekt bij Schiphol echter een natuurvergunning voor stikstof terwijl die wettelijk gezien nodig is, en rechterlijke uitspraken wijzen al langer op het stelselmatig voorrang geven aan de belangen van de luchthaven boven die van omwonenden. Vorig kabinet beloofde maatregelen tegen geluidsoverlast, maar die zijn niet nagekomen.
De uitspraak roept verschillende reacties op: politici en actiegroepen juichen — zij zien een overwinning voor omwonenden en een waarschuwing aan de luchtvaartsector. Ties Joosten waarschuwt echter dat juridische triomfen vaak weinig reëel effect hebben gehad. Eerdere ministers (zoals Van der Wal) hebben vergunningen verleend die bewust kwetsbaar waren voor juridische vernietiging, bedoeld om tijd te winnen; ambtenaren schatten dat zo’n manoeuvre anderhalf jaar oplevert. Ook is er al langer sprake van “anticiperend handhaven”: overtredingen worden gedoogd in de hoop op toekomstige legalisatie.
Praktische gevolgen zijn onzeker: tienduizenden vluchten hebben nu geen duidelijk pad naar legalisatie en handhavingsverzoeken van omwonenden worden moeilijker te negeren. Toch verwacht Joosten op korte termijn weinig wezenlijke verandering: de historie leert dat Schiphol en de KLM vaak buiten strikte wettelijke kaders opereren en de politiek vervolgens geneigd is die kaders op te rekken.