Wetenschappelijke ontdekking in strijd tegen MS: opruimcellen soms de weg kwijt
In dit artikel:
Nederlandse onderzoekers van het Nederlands Herseninstituut, Universiteit Leiden en Universiteit Utrecht vonden bij ernstig verlopende vormen van multiple sclerose (MS) een groep microglia — de opruimcellen van het brein — die vol vetbolletjes zitten en er schuimachtig uitzien. „We zagen dat patiënten met veel van deze ’foamy microglia’ vaker een ernstiger ziekteverloop hadden”, aldus onderzoeker Daan van der Vliet. De schuimcellen ontstaan doordat microglia grote hoeveelheden beschadigde myeline opnemen; aanvankelijk proberen ze herstel, maar ze raken uiteindelijk dysfunctioneel en kunnen chronische ontsteking en belemmerd herstel in de hand werken.
Voor het onderzoek analyseerden de wetenschappers hersenweefsel van 28 overleden MS-patiënten (gedoneerd aan de Nederlandse Hersenbank) en brachten tegelijk genen, eiwitten en vetstoffen in dezelfde ontstekingshaarden in kaart met geavanceerde technieken. Een belangrijke uitkomst is dat bepaalde vetstoffen die samenhangen met deze schadelijke microglia mogelijk meetbaar zijn in het hersenvocht, wat kan dienen als biomarker om eerder te voorspellen welke patiënten snel zullen achteruitgaan.
De bevinding biedt niet alleen een mechanistische verklaring voor waarom sommige mensen snel verergeren terwijl anderen stabiel blijven, maar opent ook kansen voor betere prognostiek en gerichtere behandelingen. Omdat MS zeer heterogeen is en behandelkeuzes vaak cruciaal in een vroeg stadium, zouden betrouwbare markers in het hersenvocht kunnen helpen bij het selecteren van de meest geschikte therapie voor individuele patiënten.