"We zijn getuigen van het falen van dit rechtssysteem"

dinsdag, 31 maart 2026 (11:17) - De Andere Krant

In dit artikel:

Bram en Marieke werden op 11 juni 2025 door een arrestatieteam opgepakt als vermeende terrorismeverdachten. Bram zat zes dagen vast, Marieke zestien dagen waarvan tien op een afdeling voor terrorismeverdachten. Na maanden onderzoek stuurde het Openbaar Ministerie (OM) op 9 februari 2026 een zogenaamde “kennisgeving sepot”: er is onvoldoende bewijs voor deelname aan een criminele organisatie met terroristisch oogmerk, en er volgt geen vervolging tenzij nieuw bewijs opduikt.

Het stel betwist dat daarmee de zaak is afgedaan. Ze willen dat een rechter in een civiele procedure beoordeelt of het OM en de betrokken opsporingsdiensten rechtmatig hebben gehandeld — onder meer de inzet van het arrestatieteam, de aanhoudingen, langdurige detentie onder strikte beperkingen en het beslag op hun spullen. Volgens Bram en Marieke ontbrak vanaf het begin elk concreet bewijs; materiaal dat als ‘smoking gun’ werd gepresenteerd (zoals kokosmelk dat eerst als mogelijk ricine werd gezien) bleek pas ná hun gevangenschap beoordeeld, terwijl die beoordeling als rechtvaardiging voor verlenging van de detentie werd gebruikt.

Marieke is verontwaardigd over een opmerking in haar sepotbrief waarin het bezit van pepperspray wordt genoemd maar tegelijk wordt afgezien van straf omdat ze al “door de feiten en gevolgen van uw aanhouding” is getroffen. Ze noemt dat symptoom van wat zij ervaart als een arrogante en krachtmisbruikende werkwijze van het OM. De politie zou meerdere datadragers hebben ingenomen en onherstelbaar beschadigd; erkende schade werd volgens hen slechts deels vergoed na een klachtenprocedure. De Dienst Justitiële Inrichtingen zou hebben verklaard dat het detentiedossier vernietigd is — iets wat het tweetal juridisch onwaarschijnlijk vindt en als ontmoedigingspoging ziet. Verzoeken via AVG en Woo om dossiers te krijgen zouden bovendien worden tegengewerkt.

Omdat de zaak is geseponeerd vervielen hun subsidies voor rechtsbijstand. Een civiele procedure tegen overheidsorganen is kostbaar; hun eerste raming komt op circa 50.000 euro voor gespecialiseerde juridische hulp, proces- en griffiekosten. Daarom zijn Bram en Marieke een crowdfunding gestart. Zij benadrukken dat het niet alleen om hun persoonlijke situatie gaat maar om een fundamentele vraag: mogen ingrijpende overheidsmaatregelen zonder inhoudelijke rechterlijke toets blijven staan? Zelf zien ze zich niet primair als slachtoffers, maar als “getuigen van het falen van het rechtssysteem”.