We pompen miljarden in ziekte, niet in gezondheid
In dit artikel:
Nederland pompt miljarden in ziektezorg, maar laat preventie en het bevorderen van volksgezondheid structureel liggen, betoogt de auteur (werkzaam bij Christelijke Hogeschool Ede en Nyenrode). Recent onderzoek naar het regioplan van de Gelderse Vallei toont de urgente problemen: sterke vergrijzing, meer chronische aandoeningen, toegenomen mentale kwetsbaarheid onder jongeren en een structureel tekort aan zorgpersoneel. Gevolg: een groeiende zorgvraag tegenover een krimpend aanbod en oplopende wachttijden.
De kernkritiek is dat het Nederlandse stelsel vooral een ziektezorgmachine is: veel geld gaat naar behandelen, niet naar voorkomen. Terwijl maatregelen als efficiëntieverbetering, digitalisering en AI nuttig zijn, pakken ze niet de onderliggende oorzaken aan. In ongeveer een derde van de huisartsconsulten ligt het probleem niet medisch maar sociaal — schulden, eenzaamheid, stress — zaken die in de zorgketen niet opgelost worden. Bovendien kan meer behandelcapaciteit paradoxaal leiden tot meer gebruik van zorg, zodat de kosten blijven stijgen.
De voorgestelde koerswijziging is een fundamentele verschuiving van ‘zorg’ naar ‘gezondheid’: investeren in leefomgeving, bestaanszekerheid, sociale netwerken en het verbinden van zorg, welzijn en onderwijs. Gezondheid ontstaat vooral in wijken, gezinnen en gemeenschappen; daar liggen de grootste kansen om vergrijzing betaalbaar te houden. In plaats van een groter zorgbudget pleit de auteur voor een nieuw maatschappelijk contract waarin preventie en sociale basisvoorzieningen centraal staan. Blijft het huidige beleid gehandhaafd, waarschuwt hij, dan groeit het zorgberoep zodanig dat straks een op de vier mensen in de zorg werkt — een kostbare en onhoudbare ontwikkeling.