We moeten de moet erin houden

zaterdag, 3 oktober 2026 (06:44) - Nijmans Nieuwsbriefje

In dit artikel:

De auteur blikt terug op het leven en overlijden van zijn vader, die in januari 1945 werd geboren in het bevrijde Roosendaal en op 1 september overleed. Zijn vader maakte volgens hem een periode mee waarin Nederland steeds veiliger, welvarender en vrijer werd. Tegen die achtergrond vraagt de auteur zich af waarom het land in 2026 volgens hem bestuurlijk en maatschappelijk zo vastgelopen is.

De titel van het stuk verwijst naar een woordgrap van een vriend: niet alleen moet de moed erin blijven, maar soms ook de “moet”. De auteur zegt dat hij zich geen defaitisme mag veroorloven, maar beschrijft Nederland wel als een land in “beheerd verval”. Volgens hem vertrouwen bestuurders te veel op economische cijfers, prognoses en adviesrapporten, terwijl burgers in hun dagelijks leven achteruitgang ervaren.

Zijn kritiek richt zich onder meer op de groeiende invloed van consultants, Europese regelgeving en een uitdijend ambtenarenapparaat. Die zouden de regeldruk, belastingen en beperkingen voor zelfstandigen en kleine ondernemers vergroten. Ook verwijt hij politiek en instellingen dat zij de Nederlandse taal, het onderwijs en de joods-christelijke culturele traditie relativeren. Daarnaast hekelt hij wat hij ziet als een eenzijdige focus van media en politiek op het gevaar van rechts, terwijl andere vormen van extremisme en maatschappelijke ontwrichting volgens hem minder kritisch worden behandeld.

Verder noemt de auteur achterstallig onderhoud aan bruggen, dijken en energie-infrastructuur als bewijs dat de overheid haar kerntaken verwaarloost, terwijl zij wel voortdurend nieuwe belastingen zoekt. Hij wijt dit aan decennia van nalatigheid, doorgeschoten tolerantie en een Haagse bestuurscultuur waarin verantwoordelijkheid volgens hem is vervangen door opportunisme.

Een belangrijk voorbeeld is Moerdijk. Daar moet een dorp uiteindelijk verdwijnen in het kader van de energietransitie. Het Rijk wees er bovendien een locatie aan voor een 380kV-hoogspanningsstation, ondanks het verzoek van een onderzoekscommissie om met het besluit te wachten. Bewoners ontvingen hierover al brieven voordat de landelijke aankondiging was gedaan. De auteur ziet dit als teken dat de overheid weinig rekening houdt met inwoners, boeren en lokale inspraak. De gemeenteraad stemde in november 2025 al in met het opheffen van het dorp.

Ook massamigratie, de opvang van asielzoekers en de omvang van de overheid komen aan bod. De auteur verwijst naar CBS-cijfers waaruit zou blijken dat het aantal Syriërs in Nederland begin 2026 bijna 220.000 bedroeg, en stelt dat bevolkingsgroei vooral door migratie wordt veroorzaakt. Hij betoogt dat de kosten daarvan, evenals die van de energietransitie, uiteindelijk bij belastingbetalers terechtkomen. Een citaat van vriend K. over taalverloedering, straatgeweld, klimaatbeleid en juridische bescherming van daders wordt aangehaald als samenvatting van hun gedeelde sombere wereldbeeld.

De auteur verbindt deze kritiek ook aan de oorlog in Oekraïne en het debat over Israël en antisemitisme. Hij hekelt volgens hem de afstand tussen beleidsmakers en de gevolgen van hun beslissingen: oorlog kan in veilige kantoren een carrière- of reputatiekans lijken, terwijl anderen daadwerkelijk vechten en sterven. Daarbij beschuldigt hij media, politieke partijen en mensenrechtenorganisaties van inconsistentie in hun houding tegenover antisemitisme, zonder die beschuldigingen verder systematisch te onderbouwen.

Tot slot waarschuwt hij dat het huidige verval niet onbeperkt bestuurbaar blijft en kan uitmonden in maatschappelijke ontwrichting. Hij noemt vooral D66 en delen van de Haagse politiek als voorbeelden van een overheid die steeds meer van bovenaf voorschrijft hoe burgers moeten leven. Ondanks zijn sombere diagnose roept hij op weerstand te bieden en de moed niet te verliezen. Met de Zeeuwse spreuk “Luctor et Emergo” benadrukt hij dat Nederland zich volgens hem uiteindelijk weer uit deze crisis moet zien op te richten.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Wilfred Genee gaat er plotseling vandoor In de Wandelgangen: 'Dááááág!'