We lezen op het papiertje: 'Speel mee met onze WK 2026 poule!' De collega: 'Dat klopt toch niet?' Ik: 'Wat niet?' Hij weer: 'Poule' | column Herman Sandman

vrijdag, 29 mei 2026 (07:13) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Twee collega’s fietsen terug van werk en raken geïntrigeerd door een flyer bij de koffiemachine: “Speel mee met onze WK 2026 poule!” Eén van hen betwijfelt of “poule” wel correct is; de ander legt uit dat een poule doorgaans een indeling van teams binnen een toernooi is. Om het definitief uit te zoeken stuurt de sceptische collega een link naar onzetaal.nl, een taalkundige bron. Die maakt het onderscheid: een “poule” is een groep teams in een toernooi, terwijl een “pool” in het Nederlands vooral wordt gebruikt voor een gok- of raden‑wedstrijd rondom een sportevenement (uitspraak ongeveer ‘poel’), met werkwoord “poolen”. Het Engelse “pool” duidt daarnaast op verzamelingen of gedeeld gebruik (zoals banenpool of carpool). Het meningsverschil is daarmee opgehelderd, maar de twee blijven fietsen — met de noordoostenwind die noch voordelig noch tegenwerkt — en laten de taalkwestie in goede sfeer.