Wat verliezen we als kinderen gebaard worden door een artificiële baarmoeder?
In dit artikel:
Marian Donner (7 januari 2026, nr. 1-2) schetst een toekomstbeeld waarin de artificiële baarmoeder binnen handbereik ligt en stelt vragen over de prijs die zo’n technische doorbraak met zich meebrengt. Onderzoekers wereldwijd—ook aan de TU/e—werken aan buitenschotse zwangerschapsapparaten. Het Chinese bedrijf Kaiwa Technology kondigt voor 2026 een prototype aan, GEAIR, dat rond de twaalfduizend euro zou kosten. In een tijd van dalende vruchtbaarheidscijfers kan zo’n machine zowel demografisch als medisch aantrekkelijk lijken: gecontroleerde, schone omstandigheden, permanente monitoring van hartslag, zuurstof en groei, en directe ingreep bij complicaties zoals navelstrengproblemen.
Donner somt de praktische baten op: veel minder sterfte en verdriet, geen maandenlang fysieke lijden door bekkenproblemen, geen traumatische baringen en geen moeder die een dood kind moet baren. De technologische oplossing belooft geboorteveiligheid te normaliseren en risico’s te minimaliseren.
Tegelijkertijd waarschuwt ze voor wat er verloren gaat. Persoonlijke ervaring speelt mee: het baren van haar zoon noemt ze een van de mooiste, verbonden momenten — een fysieke en culturele ervaring die niet terug te brengen is tot een medisch proces. De komst van een machine die het begin van leven “artificieel” maakt heeft niet alleen individuele, maar ook maatschappelijke consequenties: hoe herwaarderen we lichaam, ouderschap en gemeenschappelijke rituelen als het wonder van geboorte verandert in een gecontroleerde procedure?
Donner signaleert bovendien sociale druk en morele verschuivingen. Als een veilige, technische optie bestaat, kan kiezen voor een natuurlijke zwangerschap worden gezien als nalatigheid — de verantwoordelijkheid voor eventuele complicaties zou daardoor bij de moeder komen te liggen. Ze verbindt dit patroon met bredere ontwikkelingen: waardering voor veiligheid leidt tot meer controle en surveillance (denk aan trackers, gezondheidscijfers) en tot acceptatie van grootschalige, riskante technologieën onder het mom van bescherming. In dit kader waarschuwt ze impliciet dat ook de investeringen in wapens en autonome systemen niet vanzelf zullen afnemen.
Kortom: de artificiële baarmoeder kan leven redden en medische problemen wegnemen, maar roept fundamentele ethische, culturele en politieke vragen op over autonomie, schuld, en de manier waarop een samenleving het begin van leven waardeert — vragen die volgens Donner even dringend zijn als de technische prestatie zelf.