Wat is er nog over van de 'soft power' van het Eurovisie Songfestival?

vrijdag, 15 mei 2026 (16:03) - NRC Handelsblad

In dit artikel:

De Songfestivalkoorts is in Nederland dit jaar vrijwel verdwenen: de kijkcijfers voor de halve finales zijn sterk ingezakt sinds de editie waarin Nederland met zanger Claude meedeed. Volgens het NMO stemden dinsdagavond nog 541.000 mensen af op NPO1 voor de eerste halve finale uit Wenen; donderdag trok de tweede halve finale 601.000 kijkers. Ter vergelijking: vorig jaar keken 2,3 miljoen mensen naar de halve finale en 3,6 miljoen naar de finale.

Een belangrijke oorzaak is dat Nederland niet meedoet. Omroep AVROTROS besloot in december samen met vier andere zenders te boycotten vanwege de omstreden deelname van Israël, wat samenhangt met kritiek op het geweld in Gaza. Organisator EBU probeert de 70ste editie naar buiten toe zoveel mogelijk normaal te laten verlopen: in de tv-uitzendingen verwijst weinig naar de boycot, presentatoren Victoria Swarovski en Michael Ostrowski houden de shows luchtig en het podiumaanbod oogt vertrouwd. In de zaal was tot nu toe weinig zichtbaar protest; bij het optreden van de Israëlische inzending Noam Bettan werd er wel gejoeld en werden vier verstorende toeschouwers verwijderd.

De controverse over invloed op de stemmen speelt ook mee. Een onderzoek van The New York Times over stembeïnvloeding leidde tot commotie; dit jaar zijn stemmen per persoon beperkt tot maximaal tien (in plaats van twintig) en telt de vakjury mee in de eindscore. Songfestivaldirecteur Martin Green erkent dat het een lastig moment is, maar hoopt dat de ontbrekende landen volgend jaar terugkomen en streeft naar een weg terug.

Mediawetenschapper Jonathan Hendrickx licht toe waarom Israël zo graag op het Songfestivalpodium wil staan: het evenement levert publieke validatie en zichtbaarheid — soft power — omdat de uitslag voor een groot deel door thuisstemmen wordt bepaald. Hij verwijst naar voorbeelden als Oekraïne (2022) en eerder Rusland, die het Songfestival gebruikten om steun of imago uit te dragen. Voor kleinere landen geldt vaak simpelweg dat deelname onmisbare internationale zichtbaarheid biedt.

Als Israël wint, verwacht Hendrickx dat de EBU onafhankelijk zal onderzoeken of het land het evenement veilig kan organiseren; mogelijk zal een ander land, vermoedelijk Duitsland, dan namens Israël organiseren. Grotere onenigheid of vervolg-boycots zouden de contest echter ernstig kunnen verzwakken.