Wat blijft er over van het boek als het helemaal door AI wordt geschreven? 'Het is allang geen niche meer'
In dit artikel:
In een streng beveiligd datacentrum op het Science Park in Amsterdam organiseerde de Ongelezen Boekenclub recent een avond rond de vraag wat er gebeurt met het boekenvak nu AI massaal teksten en boeken genereert. De keuze voor het datacentrum – normaal gesloten en onderdeel van de digitale infrastructuur van Nederland – moest het thema onderstrepen, maar de bijeenkomst verliep niet helemaal volgens plan: op het laatste moment werd het publiek de toegang tot de serverruimte geweigerd omdat het gebouw eigendom is van een Amerikaans bedrijf dat bezoekers niet toeliet. Een verklaring bleef uit.
De boekenclub, bekend om bijeenkomsten rond ongelezen boeken met een maatschappelijk thema, gebruikte de avond om te laten zien hoe onzichtbaar en wijdverbreid AI-teksten al zijn. Wereldwijd stijgt het aantal nieuw verschenen titels van ongeveer 1,3 miljoen twintig jaar geleden naar naar schatting 2,2 miljoen nu (cijfer van Unesco), terwijl de leescijfers niet meegroeien. Veel van die extra titels verschijnen vermoedelijk met hulp van taalmodellen; dat is vaak niet meteen herkenbaar. Populaire onderwerpen voor AI-gegenereerde boeken zijn volgens de club reisgidsen, fictie en boeken over kruiden, en vooral zelfpublicaties blijken gevoelig voor automatische generatie.
De avond benoemde concrete voorbeelden: een schijnbaar alomtegenwoordige auteur ‘Andries B.V.’ met meer dan 1.400 zoekresultaten op Bol.com en uiteenlopende, inconsistent samengestelde titels; en een Amsterdam-gids van ‘Mike Steves’, die later door The New York Times als AI-gegenereerd werd ontmaskerd. Zulke voorbeelden roepen de vraag op hoeveel waarde en betrouwbaarheid een boek nog heeft als het grotendeels door algoritmes is samengesteld.
Organisator en letterontwerper Bas Jacobs waarschuwde dat mensen de gevolgen onderschatten en stelde de fundamentele vraag: wanneer is iets nog een boek? Hij benadrukte dat taalmodellen niet ‘begrijpen’ maar waarschijnlijkheden berekenen voor welk woord volgt. Om die werking tastbaar te maken, voerde de club een experiment uit: bezoekers vormden een ‘menselijk taalmodel’ waarbij iedere deelnemer alleen de laatste woorden van de vorige zin zag en zo een tekst voortzette. De resulterende teksten werden symbolisch in een tijdcapsule begraven, bedoeld als archief van menselijk schrijven voor de toekomst.
Aan het einde konden deelnemers zoals gebruikelijk boeken ruilen — en werd er, ironisch genoeg, AI-gegenereerd bier gedronken. Het weigeren van toegang tot de serverruimte functioneerde bijna als metafoor: de achterliggende bron van veel AI-tekstproductie blijft onzichtbaar en ontoegankelijk, terwijl de stroom van nieuwe titels ongemerkt blijft groeien.