Wanneer is duiveluitdrijving juridisch wel of niet toegestaan?
In dit artikel:
Prof. mr. dr. Paul van Sasse van IJsselt (bijzonder hoogleraar recht en religie aan de Rijksuniversiteit Groningen) organiseerde donderdag een seminar over duivel- en demoonuitdrijving om te onderzoeken wanneer dergelijke rituelen juridisch toelaatbaar zijn en wanneer ze strafbaar worden. Aanleiding was een strafzaak in Rotterdam van afgelopen najaar: een vader en een genezer kregen gevangenisstraffen nadat een wintiwassing — een Surinaamse rituele reiniging om een kwade geest (winti) te verdrijven — zo extreem werd uitgevoerd dat het meisje bijna volledig werd verblind door het inbrengen van ammoniak en juliennepepers in haar gezicht.
Van Sasse van IJsselt benadrukt dat exorcisme en rituele praktijken historisch gezien sinds de negentiende eeuw aan een opleving bezig zijn en ook nu weer vaker opduiken in verschillende religieuze tradities. Het seminar brengt juristen, historici en religiewetenschappers samen om te analyseren hoe zulke praktijken vroeger verliepen en hoe ze vandaag juridisch en maatschappelijk moeten worden beoordeeld.
Juridisch zijn de grenzen betrekkelijk helder: vrijheid van godsdienst laat rituelen toe, maar die vrijheid stopt zodra lichamelijke integriteit wordt geschonden. Twee concrete grenzen die worden genoemd: (1) fysieke mishandeling of handelingen die ernstige gezondheidsrisico's veroorzaken zijn verboden; (2) homoconversietherapie — ook wanneer die vanuit het idee van demonenbezetenheid wordt uitgevoerd — wordt steeds vaker als onethisch en mogelijk verboden beschouwd; een wetsvoorstel dat dergelijke praktijken wil verbieden ligt in de Eerste Kamer. Daarnaast geldt dat kwakzalverij strafbaar wordt wanneer mensen structureel de reguliere zorg wordt onthouden, vaak onder groepsdruk zoals in sekten.
Van Sasse van IJsselt roept gelovigen op verantwoordelijk om te gaan met hun vrijheden: religieuze praktijken mogen niet leiden tot het overtreden van wetten of het schaden van anderen. Het seminar wil meer inzicht verschaffen in de schaal en aard van strafbare genezingspraktijken en zoekt naar een werkbare balans tussen religieuze vrijheid en bescherming van individuele rechten en veiligheid.