Wanneer de stem van een volk wordt gesmoord, is het onze plicht om harder te spreken | opinie

woensdag, 28 januari 2026 (07:13) - Dagblad van het Noorden

In dit artikel:

Alireza Saghafi waarschuwt dat de onrust in Iran juist niet voorbij is; volgens hem is het land in een nieuwe, gevaarlijkere fase beland waarin repressie het openbare leven verlaat en het privéleven binnendringt. Wat nu gebeurt bouwt voort op eerdere volksopstanden sinds 2009 — van de Groene Beweging tot de massale protesten van 2019 en 2022 — maar de inzet is onveranderd: veel Iraniërs streven naar een fundamentele omslag, met burgerlijke vrijheden, mensenrechten en scheiding van religie en staat als doel.

De tactiek van de autoriteiten is veranderd. In plaats van alleen straatprotesten neer te slaan, richten veiligheidsdiensten zich op huizen, buurten en individuele levens: grootschalige controleposten, huiszoekingen, doorzoeken van telefoons op foto’s of berichten, en gewelddadige confrontaties in woonwijken. Een bron die recent Iran verliet omschrijft de sfeer als “constante angst”. Daarnaast worden gewonden in ziekenhuizen gearresteerd en lopen veel gevangenen risico op snelle, niet-transparante processen en zelfs doodvonnissen zonder toegang tot onafhankelijke rechtsbijstand.

Ook economische dwang komt voor: bankzaken en sociale voorzieningen worden soms gebruikt om vermeende tegenstanders financieel te ondermijnen. Tegelijk blokkeert de staat grootschalig internetverkeer, waardoor er feitelijk een informatie-black-out is; buitenstaanders krijgen nauwelijks betrouwbare beelden of verslagen te zien. In officiële verklaringen bestempelt het regime demonstranten vaak als ‘terroristen’ of ‘buitenlandse agenten’, terwijl het merendeel burgers betreft met opleiding, cultuur en een gewone wens voor waardigheid en veiligheid.

Kroonprins Reza Pahlavi, een bekende oppositiegelijk, probeert internationaal aandacht te blijven vragen nu binnenlandse communicatie wordt afgesloten. Saghafi roept de wereld op niet stil te blijven: blijven informeren, signaleren en druk uitoefenen op verantwoordelijken is volgens hem essentieel om de opgelegde stilte te doorbreken. Saghafi zelf is in Iran geboren en woont sinds enkele jaren in Delfzijl.