Wall Street sluit lager na zorgen over Iran, olieprijs en rente
In dit artikel:
De aandelenbeurzen in New York zijn dinsdag lager gesloten door de oplopende spanningen tussen de Verenigde Staten en Iran. Nieuwe Amerikaanse aanvallen op Iraanse doelen, gevolgd door Iraanse tegenaanvallen op Amerikaanse posities in de Golfregio, wakkerden zorgen aan over energieprijzen, inflatie en hogere rentes.
De Dow Jones daalde 0,8 procent tot 52.766,88 punten, de S&P 500 verloor 0,7 procent en eindigde op 7.631,47 punten. De Nasdaq zakte 1 procent naar 26.099,77 punten. De spanningen rond de Straat van Hormuz, een belangrijke doorgangsroute voor olie, gas en brandstoffen uit de Golfregio, dreven de olieprijzen verder op. Amerikaanse olie werd 6 procent duurder en kostte 90,78 dollar per vat; Brentolie steeg 5,3 procent tot 95,31 dollar.
Beleggers vrezen dat duurdere energie de inflatie langer hoog houdt, waardoor centrale banken de rente mogelijk verder verhogen. Dat drukte ook op staatsobligaties: de rente op bepaalde Japanse en Britse leningen bereikte het hoogste niveau sinds de jaren negentig.
Oliebedrijven profiteerden juist. ExxonMobil steeg 2,2 procent en Chevron 2,4 procent. Chevron zou bovendien dicht bij een overeenkomst staan om zijn activiteiten in Venezuela sterk uit te breiden. GoPro was de grootste uitschieter met een koerswinst van ruim 40 procent na de aangekondigde fusie met fotonicabedrijf Starman Optical. De fabrikant kampte eerder met grote verliezen door de concurrentie van smartphonecamera’s en hoge geheugenchipkosten.
Vandaag Inside: Wat vindt Johan Derksen van de uitgelekte Prinsjesdagstukken van het minderheidskabinet?