Waarom we woensdag niet voor Jenning van der Veen, maar voor Jenning de Boo juichen
In dit artikel:
Jenning de Boo (22) staat woensdagavond op de startlijst voor de 1000 meter bij de Olympische Spelen in Milaan; de eerste race begint om 18.30 uur. De naam De Boo valt op — niet alleen omdat hij sneller klinkt dan Van der Veen — maar vooral omdat Jenning bij zijn geboorte de achternaam van zijn moeder kreeg. Ouders Gerbrant (van der Veen) en Annetje (De Boo) kozen zo bewust voor het voortbestaan van de familienaam De Boo.
De keuze heeft een emotionele achtergrond: opa Hans de Boo, een gepassioneerd dokter en liefhebber van heraldiek, overleed in januari vorig jaar in het UMCG aan een longontsteking. Kort daarna veroverde Jenning in Thialf de Europese sprinttitel en droeg die zege op aan zijn grootvader. Over diens overlijden zei Jenning: „Het was een mooie en vredige dood.” Hans was trots dat de familienaam bleef bestaan en hield intens contact met zijn kleinzoon — niet via apps, maar met een e-mail na elke wedstrijd.
Had Jenning geen topschaatsers-talent gehad, had hij waarschijnlijk medicijnen gestudeerd en zo in de voetsporen van zijn opa kunnen treden. Nu draagt hij de naam De Boo wereldwijd uit op de Olympische schaatsbaan, naast landgenoten als Kjeld Nuis en Joep Wennemars. Voor de familie betekent zijn optreden niet alleen sportief succes, maar ook het levend houden van een bijna uitgestorven achternaam.