Decreten van Trump hebben weinig kans op slagen (en daar rekent hij juist op)
In dit artikel:
President Donald Trump heeft donderdag opnieuw twee decreten ondertekend om het Amerikaanse geboorterecht te beperken. Daarmee zet hij zijn poging voort om kinderen van mensen zonder geldige verblijfsstatus of met een tijdelijk verblijf niet langer automatisch het Amerikaanse staatsburgerschap te geven.
Een eerder decreet uit januari 2025 werd door federale rechters opgeschort en in juni definitief verworpen door het Hooggerechtshof. De nieuwe maatregelen zullen naar verwachting eveneens voor de rechter worden aangevochten. Toch kan de regering bewust voor deze aanpak kiezen. Een eerste juridische nederlaag levert argumenten op om een aangepaste versie te maken, terwijl de conservatieve meerderheid in het Hooggerechtshof geregeld uitspraken doet die Trumps bevoegdheden versterken.
Een procedure kan bovendien maanden duren. In die periode kunnen overheidsinstanties het beleid al uitvoeren, met gevolgen die later moeilijk ongedaan zijn te maken. De gedwongen scheiding van migrantenkinderen en hun ouders tijdens Trumps eerste ambtstermijn illustreert dat risico: jaren na een rechterlijk bevel tot hereniging zijn nog altijd niet alle gezinnen bij elkaar gebracht.
Langdurige rechtszaken kunnen tegenstanders daarnaast financieel en organisatorisch uitputten. Een decreet kan ook een juridisch debat op gang brengen waarmee de regering het Congres wil bewegen de wet aan te passen. Politiek gezien laat Trump er zijn achterban bovendien mee zien dat hij een belangrijke verkiezingsbelofte uitvoert. Als rechters het beleid blokkeren, kan hij hen verantwoordelijk stellen voor het uitblijven van resultaat. Het beperken van geboorterecht is sinds zijn eerste campagne in 2015 een belangrijk onderdeel van zijn immigratieagenda.
De Oranjezomer: Raymond Mens over opmerkelijke verzoeken: 'Ze willen m'n sokken om eraan te ruiken'