Waarom Trump de VS niet zal terugtrekken uit de NAVO
In dit artikel:
Tijdens een ontmoeting op 8 april tussen president Trump en NAVO-secretaris-generaal Mark Rutte speelde de Amerikaanse relatie met het bondgenootschap en de rol daarvan in eventuele conflicten met China centraal. Trump klaagde na afloop dat de NAVO «op de proef was gesteld en gefaald had» omdat bondgenoten niet meededen aan een Amerikaanse campagne tegen Iran, en suggereerde eerder tegenover Reuters dat hij overwoog de VS uit de alliantie terug te trekken. De auteur betoogt dat zo’n vertrek echter hoogst onwaarschijnlijk en strategisch onverstandig is — om drie hoofdredenen.
Ten eerste heeft het Amerikaanse Congres in 2023 wetgeving aangenomen die de president verhindert het Noord-Atlantisch Verdrag opgezegd of eenzijdig te verlaten zonder instemming van de Senaat of een nieuwe wet van het Congres. Daarmee zijn snelle eenzijdige stappen vóór de Amerikaanse tussentijdse verkiezingen van 2026 praktisch uitgesloten en wordt het politieke risico daarna nog groter als de Democraten het Huis zouden terugwinnen.
Ten tweede geniet NAVO-lidmaatschap brede steun onder de Amerikaanse bevolking. Een Pew-enquête uit 2025 toont dat 66 procent van de Amerikanen vindt dat de VS voordeel hebben bij lidmaatschap; de steun is echter verdeeld langs partijlijnen (ongeveer 77 procent van de Democratische kiezers steunt de NAVO, tegenover circa 45 procent van Republikeinse kiezers).
Ten derde zou een Amerikaans vertrek de militaire positie van de VS substantieel verzwakken. Historisch onderzoek naar oorlogsuitkomsten wijst herhaaldelijk op het belang van de totale middelen die partijen kunnen mobiliseren — mankracht, industriële productie en economische draagkracht — als doorslaggevende factor. Dat inzicht wordt ondersteund door lange-termijn datasets zoals het Correlates of War-project en de Composite Index of National Capability (CINC). Volgens die index heeft China met een score van 23 momenteel de hoogste capaciteit; de VS scoren ongeveer 13. Vijf grote NAVO-leden (Duitsland, Turkije, het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk en Italië) vergroten die collectieve capaciteit, en samen met de VS komen de NAVO-landen op een veel hogere totaalscore dan China.
Die cijfers zijn relevant omdat artikel 5 van het NAVO-verdrag collectieve verdediging activeert wanneer een lidstaat wordt aangevallen. Verschillende analyses, onder meer van het US Naval War College, waarschuwen dat het Chinese Volksbevrijdingsleger zich voorbereidt op een geloofwaardige invasiecapaciteit richting Taiwan, waarbij misleiding en snelle inzet het risico op een succesvol «blitz»-optreden vergroten. Aangezien de VS militaire adviseurs en middelen in de regio hebben, zou een aanval op Taiwan snel tot betrokkenheid van NAVO-landen kunnen leiden — en mogelijk ook tot een bredere confrontatie met landen in Zuidoost- en Oost-Azië die geen NAVO-lid zijn maar wél grote zorgen hebben over China (Japan, Indonesië, Vietnam).
De centrale conclusie van het stuk is dat de Verenigde Staten strategisch veel sterker staan binnen het NAVO-bondgenootschap en dat een geïsoleerde confrontatie met China het risico op Amerikaanse nederlaag aanzienlijk vergroot. De auteur pleit ervoor dat Trumps adviseurs die realiteit duidelijk onder de aandacht van de president brengen. De tekst is geschreven door een hoogleraar politieke wetenschappen aan de Universiteit van Essex en verscheen eerder bij IPS/The Conversation.